Onbegrip Marokkanen voor justitie

Marokkanen en justitie vertrouwen elkaar niet. Daardoor is criminaliteit moeilijk te bestrijden. Een project in Utrecht moet het wantrouwen wegnemen.

Minister Verdonk (Vreemdelingenzaken en Integratie, VVD) kwam gisteren superlatieven tekort om de betrokkenen bij het project InZicht te eren. Hoewel er nu nog geen resultaten bekend zijn, is de minister zo overtuigd van het succes van het Utrechtse project dat ze geld vrijmaakt voor de landelijke invoering.

Bij InZicht werken sinds vorig jaar elf Marokkaanse vrijwilligers nauw samen met politie en justitiële instellingen om crimineel gedrag van Marokkaanse jongeren te voorkomen en te bestrijden. Sleutelfiguren fungeren als oren en ogen van autoriteiten, maar ook als vertolkers van de ongenoegens onder de Marokkanen.

Hoewel het project nog maar een jaar draait en de resultaten momenteel worden geëvalueerd door een criminoloog van het Willem Pompe Instituut, gelooft Verdonk dat deze aanpak het wantrouwen tussen medewerkers van justitie, politie, Raad voor de Kinderbescherming, bureau Halt, reclassering en de Marokkaanse gemeenschap enigszins wegneemt. In 2006 moeten dergelijke netwerken actief zijn in het hele land, zei minister Verdonk gisteren bij de officiële installatie van het project in Utrecht.

Wederzijds onbegrip en wantrouwen belemmeren vaak de samenwerking. zegt Halim El Madkouri, de initiatiefnemer van InZicht. Veel Marokkaanse ouders denken, vertelt hij, dat de politie het gemunt heeft op Marokkanen, dat de kinderbescherming hun kinderen wil afpakken, waardoor ze elke medewerking weigeren. ,,Daarop schakelt een medewerker van de Raad voor de Kinderbescherming de justitie in, waarop de zaak juist nog meer escaleert.'' Instellingen op hun beurt klaagden, vertelt El Madkouri, dat ze geen ingangen hadden om tot de gesloten Marokkaanse gemeenschap te kunnen doordringen. ,,Nou, die ingangen hebben we ze dus gegeven.'' El Madkouri: ,,De sleutelfiguren nemen de vooroordelen weg. Ze effenen de weg voor hulpverleners.''

Politieman Vincent Wigmans, districtschef in de wijk Kanaleneiland, zegt dat de politie altijd al contactpersonen heeft gehad in de wijk. Het unieke aan InZicht vindt hij juist de nauwe samenwerking tussen verschillende diensten. ,,Voorheen werkten we langs elkaar heen, nu bellen we rechtstreeks met de netwerker. De lijnen zijn korter geworden.''

Rachid Habbou (42), overdag leerlingbegeleider op een middelbare school, is sinds vorig jaar sleutelfiguur. Hij is geselecteerd op basis van zijn kennis van en nauwe contacten in de Marokkaanse gemeenschap. Voor InZicht bemiddelt hij tussen medewerkers van verschillende instanties en Marokkanen.

Het wantrouwen jegens de instellingen is vaak de bron van de problemen, zegt ook Habbou. Medewerkers die de taboes en gevoeligheden in de Marokkaanse gemeenschap niet kennen en onzorgvuldig te werk gaan bevestigen de vooroordelen. Daardoor groeit het wantrouwen onder Marokkanen juist nog meer, aldus Habbou. Hij komt vaak in beeld als een `professional' geen uitweg meer weet en de inzet van een sleutelfiguur noodzakelijk acht voor een positieve doorbraak.

Ook Habbou meent dat het project werkt. ,,Zeker weten.'' Hij heeft genoeg voorbeelden. Laatst bemiddelde hij met succes tussen een 14-jarig meisje en haar vader die haar weigerde terug te nemen omdat ze hem te schande had gemaakt met haar wegloopgedrag. ,,Die vader dacht ook dat de Raad voor de Kinderbescherming zijn kind had afgepakt en wilde niets met ze te maken hebben. We hebben het wantrouwen een beetje weggenomen.''

Zonder zijn ingrijpen was het contact tussen de vader en dochter waarschijnlijk voor altijd verbroken, zegt Habbou. ,,We hebben rekening gehouden met zijn schaamtegevoel en hem duidelijk gemaakt dat hij zich nergens voor hoefde te schamen. Zijn dochter was beïnvloed door een vriendin, dat was alles wat er aan de hand was. Daarom was ze weggelopen.''

    • Ahmet Olgun