Van Tuyll gaat naar het Louvre

Carel van Tuyll van Serooskerken, hoofdconservator Kunstverzamelingen en hoofd Collectiebeheer van het Teylers Museum in Haarlem, is door het Louvre in Parijs benoemd tot hoofdconservator van de afdeling Prenten en Tekeningen. ,,Het is voor de eerste maal in de geschiedenis dat het Louvre een buitenlandse conservator heeft gevraagd deze post te bekleden'', laat het Teylers Museum weten. Directeur Marjan Scharloo spreekt over het vertrek van Van Tuyll, wiens benoeming 1 januari 2005 ingaat, als ,,een groot maar eervol verlies voor het Teylers Museum.''

In het Teylers Museum heeft Van Tuyll van Serooskerken grote en kwalitatief zeer belangrijke collecties onder zijn beheer. Het museum bezit 10.000 tekeningen, waaronder 25 tekeningen van Michelangelo en 25.000 stuks grafiek. Teylers heeft ook een verzameling van zestig werken van de Haarlemse graveur, tekenaar en schilder Goltzius (1558-1617). In het Louvre krijgt Van Tuyll van Serooskerken nog veel grotere collecties onder zijn supervisie. Het Louvre bezit 100.000 tekeningen en 40.000 stuks grafiek. Het in 1778 gestichte Teylers Museum is het oudste van ons land, gefinancierd uit de nalatenschap van de Haarlemse lakenkoopman en zijdefabrikant Pieter Teyler van der Hulst.

Carel van Tuyll van Serooskerken (1950) was na zijn studie kunstgeschiedenis in Leiden vijf jaar wetenschappelijk medewerker bij het Nederlands Kunsthistorisch Instituut in Florence. Twintig jaar lang is hij verbonden geweest aan het Teylers Museum, eerst als conservator, later als hoofdconservator van de afdeling Kunstverzamelingen en als hoofd collectiebeheer van alle vijf afdelingen van het museum.

Carel van Tuyll van Serooskerken is specialist op het gebied van Italiaanse tekeningen en schilderkunst uit de vijftiende tot en met de zeventiende de eeuw. Zijn belangrijkste publicatie is The Italian drawings of the XVth and XVIth centuries in the Teyler Museum (2000).

Van Tuyll was ook betrokken betrokken bij diverse internationale tentoonstellingen, zoals Nell'età di Correggio e dei Carracci (Bologna, New York, Washington, 1986) en The Drawings of Annibale Carracci (Washington, 1999).