Twee Italianen ontvoerd in Irak

Gewapende mannen hebben gisteren in het centrum van de Iraakse hoofdstad Bagdad op klaarlichte dag vier hulpverleners, onder wie twee Italiaanse vrouwen, ontvoerd. Ongeveer twintig mannen drongen het kantoor van de organisatie van de hulpverleners binnen en plukten hen achter hun bureaus vandaan.

De Italiaanse premier Berlusconi heeft gisteren zijn kabinet voor spoedberaad bijeengeroepen. Italië is met 2.700 militairen de op twee na grootste buitenlandse troepenleverancier in Irak. Tot dusver weigert Italië uit Irak te vertrekken, ondanks herhaalde eisen daartoe van Iraakse rebellen.

Vorige maand werd de Italiaanse journalist Enzo Baldoni in de zuidelijke stad Najaf door zijn ontvoerders gedood.

De ontvoering van de twee Italianen en twee Irakezen komt als een schok omdat de gijzelnemers hun slachtoffers doelgericht lijken te hebben opgezocht. Bovendien hebben de ontvoeringen zich tot dusver vooral gericht op contractarbeiders en journalisten.

De twee Italianen, Simona Pari en Simona Torretta, beiden 29, zijn werkzaam voor een niet-gouvernementele organisatie die onderwijs in Irak stimuleert. De groep richt zich vooral op Basra en Bagdad en de wijk Sadr City, een broedplaats van verzet van het overwegend shi'itische bevolkingsdeel dat daar woont. De ontvoerde Irakezen, een man en een vrouw, werken respectievelijk voor de hulporganisaties Bridge to Bagdad en het Italiaanse Intersos.

Volgens getuigen werd de Iraakse vrouw, die zich tegen haar gijzeling zou hebben verzet, aan haar haren meegesleurd.

Over het lot van de twee Franse journalisten die vorige maand op weg naar Najaf werden ontvoerd is nog altijd weinig bekend. In de afgelopen maanden zijn al meer dan twintig gegijzelden door hun gijzelnemers gedood.