Leers: ministers hielden Kamer `voor het lapje'

De Tweede Kamer is jarenlang ,,door opeenvolgende ministers voor het lapje gehouden'' over de financiering van de Betuweroute. Er was sprake van ,,een proces van opgehouden schijn'' waarbij de Kamer informatie onthouden is.

Dat zei de huidige burgemeester van Maastricht Gerd Leers (CDA), voormalig Kamerlid, vanmorgen tijdens de verhoren voor de tijdelijke commissie infrastructuurprojecten, de commissie-Duivesteijn. Deze commissie onderzoekt de kostenoverschrijdingen bij de aanleg van de Betuweroute en de HSL-Zuid.

Leers was in de jaren negentig Kamerlid en betrokken bij de besluitvorming over de Betuweroute. Hij was en is altijd voorstander geweest van een aparte spoorlijn voor goederenvervoer, maar koppelde daar drie voorwaarden aan, waaronder een gedeeltelijk private financiering van de lijn.

Het kabinet had vanaf 1993 gezegd dat de lijn deels privaat zou worden gefinancierd. In dat jaar zei toenmalig minister Maij-Weggen (Verkeer, CDA) dat er zonder een bijdrage van het bedrijfsleven ,,geen spa de grond in zou gaan''. Maandag bleek bij de verhoren dat het al in 1994 voor toenmalig minister Zalm (Financiën, VVD) duidelijk was dat de private financiering niet haalbaar was. Pas in 1999 schreef minister Netelenbos (Verkeer, PvdA) aan de Tweede Kamer dat niet geprobeerd was om private financiering te verkrijgen, maar dat toch met de bouw begonnen zou worden. Voor Leers was dat reden de steun van het CDA aan de spoorlijn alsnog in te trekken.

Volgens Leers was in Den Haag sprake van ,,bestuurlijke krachtpatserij'' en van ,,politiek opportunisme'' bij de debatten over de spoorlijn. De Kamer was niet op de hoogte van twijfels binnen het kabinet over de haalbaarheid van private financiering. ,,Dat is fnuikend voor het besluitvormingsproces, we hadden dat moeten weten'', aldus Leers.

Volgens Leers wordt de Kamer ,,in het besluitvormingsproces meegezogen in de praktijk''. Ondanks voorwaarden van de Kamer werd in 1997 begonnen met de bouw van het eerste deel van de Betuwelijn, zonder dat er helderheid was over private financiering. Leers stelde voor de Kamer voortaan alleen nog een principebesluit te laten nemen over grote projecten als de Betuweroute.

Leers: ,,De controle op de uitvoering zou dan door de Rekenkamer gedaan kunnen worden of door de commissie Financiën, zodat je een technische, rationele afweging krijgt in plaats van politieke confrontaties.''