Rookverslaafden leren stoppen in de drugskliniek

Roken is verslavender dan drugs of alcohol. Afkicken moeten rokers meestal alleen. Nu kunnen bij de Jellinek-kliniek ook tabaksverslaafden terecht.

Stiekem peuken van de grond rapen om er later sigaretten van te draaien, terwijl je eigenlijk probeert te stoppen met roken. Aimee Boezeman kan het nog steeds nauwelijks geloven. In de rokersgroep van de Jellinek-kliniek in Amsterdam, waar ze samen met andere rookverslaafden probeerde af te kicken, was het ene verhaal nog erger dan het andere. ,,Als je rookt, ben je eigenlijk gewoon een junk.''

Sinds drie weken biedt de Jellinek-kliniek, bekend van afkickhulp aan drugs- en alcoholverslaafden, ook zware rokers de mogelijkheid om af te kicken, na verwijzing van huisarts of specialist. Het betreft de eerste reguliere behandeling voor tabaksverslaving die uit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten gefinancieerd wordt. Andere verslavingsklinieken ontwikkelen op dat terrein ook initiatieven. De Delta Bouman-kliniek in Rotterdam, bijvoorbeeld, verkoopt voor 115 euro per persoon cursussen aan bedrijven.

Professionele verslavingshulp voor tabaksverslaafden had er al veel eerder moeten zijn, meent verslavingsarts Trudi Tromp, werkzaam bij de Jellinek-kliniek en initiatiefneemster van het project. ,,Roken is ontzettend verslavend, veel meer dan drugs en alcohol'', legt Tromp uit. Volgens haar kunnen zeer zwaarverslaafden zonder begeleiding vaak niet stoppen. En een huisarts, cardioloog of zelfhulpgroep is vaak niet afdoende.

Bij de Jellinek-kliniek stopte iets minder dan een kwart van de deelnemers aan de proef gedurende minstens vier weken. Meer dan zestien procent van de deelnemers houdt het al langer dan zes maanden vol. Deze cijfers steken gunstig af tegen andere behandelmethodes, zo blijkt uit onderzoek. Zeker, zo tekent Tromp aan, als er rekening mee wordt gehouden dat de deelnemers allemaal tot de groep ernstig verslaafden horen. De meesten hebben ettelijke stoppogingen achter de rug en vaak hebben ze ernstige problemen met hun gezondheid. Eenderde van de deelnemers heeft ook problemen met alcohol of kalmeringsmiddelen.

Wat maakt roken tot het ultieme verslavende middel? De snelheid van de rush is de belangrijkste oorzaak, zegt Tromp. Eén trek komt al binnen zeven seconden in de hersenen aan. De eerste sigaret van de ochtend leidt binnen vijftien minuten tot een verachtvoudiging van de nicotinespiegel in het bloed. Maar het effect trekt even snel weer weg, de roker met trek in zijn volgende sigaret achterlatend. ,,Eigenlijk bestrijden zware rokers onbewust met elke sigaret hun ontwenningsverschijnselen'' legt Tromp uit.

Rokers voelen veel minder dan alcoholisten en drugsverslaafden druk vanuit hun omgeving om te stoppen. Sterker nog, het is soms de omgeving die dat lastig maakt. Boezeman, al meer dan dertig jaar roker, rookte op een gegeven moment bijna zestig sigaretten per dag. Zij probeerde eerder van het roken af te komen, eerst via een radioprogramma, en later met behulp van acupunctuur. ,,Na drie dagen was ik niet meer te harden. Mijn familie smeekte me om maar weer te gaan roken.''

Het verhaal van Boezeman illustreert een derde reden waarom stoppen zo moeilijk is: nicotine heeft op de korte termijn voornamelijk positieve effecten: minder honger, minder stress, een beter geheugen, verhoogde waakzaamheid en een betere stemming. ,,Rokers horen altijd maar hoe slecht roken is, maar het is ook goed voor ze. Als het niet zo ongezond was, zou ik het iedereen aanraden'', lacht Tromp.

De therapie in de Jellinek-kliniek is een combinatie van gedragsbeïnvloeding en medicatie (die niet wordt vergoed). Nicotinevervangende middelen en het relatief nieuwe middel bupropion, dat de behoefte aan sigaretten vermindert, moeten de fysieke rookbehoefte onderdrukken totdat de mentale verslaving minder wordt.

Praatsessies, in een groep of individueel, moeten de mentale verslaving helpen overwinnen. Een normale behandeling bestaat uit maximaal tien sessies in een periode van enkele maanden. In de eerste twee sessies ligt de nadruk op het vaststellen van het rookpatroon: wanneer rookt iemand, met wie, waar.

Daarna werken de behandelaren samen met de patiënten aan een stopplan. De datum van de laatste sigaret wordt vastgesteld. ,,Soms leggen we tot op de minuut vast hoe die dag zal verlopen'', zegt Gisèle Olivers, maatschappelijk werker en lid van het behandelteam. Het doel is om de patiënt te wapenen voor het moment dat de laatste sigaret gedoofd is. In de sessies na het stoppen helpt het behandelteam de verslaafden door de moeilijke momenten heen.

De deelnemers zien de uitgebreide voorlichting over de aard van hun verslaving als een belangrijke oorzaak van het succes. ,,Een openbaring'', noemt de 55-jarige Ria Sant het. Zij rookte vanaf haar achttiende twee pakjes per dag. Eindelijk zag ze haar verslaving verklaard. De grootste succesfactor lijkt de sociale controle te zijn: de aanwezigheid van andere gestopte rokers en de persoonlijke begeleiding van de Jellinek-medewerkers. ,,In mijn eentje of met een boekje was het me nooit gelukt'', zegt Boezeman.

Het grootste deel van de verslaafden zal niet stoppen. En voor bijna iedereen is een terugval onvermijdelijk. Dat moet niet als een mislukking uitgelegd worden, benadrukt Tromp. ,,Elke dag die je niet rookt is een succes.'' Zo voelt ook Willem Jonker het. Totdat hij tien jaar geleden een hartinfarct kreeg, rookte hij drie pakjes sigaretten per dag. Na behandeling in de kliniek stopte hij een half jaar lang met roken. Afgelopen kerst stak hij zijn eerste sigaret weer op. ,,Ik knapte gewoon, het was de gezelligheid.''

Boezeman en Sant tellen de dagen dat ze gestopt zijn. Hoewel ze beiden al een jaar niet meer roken durven ze zich nog geen `niet-roker' te noemen: de craving naar een sigaret is soms zeer sterk. ,,Ik zal er mijn hele leven wel last van houden'', denkt Sant. Toch voelt ze zich bevrijd. ,,Eindelijk kan ik ergens binnenkomen zonder direct op zoek te gaan naar een asbak.''

    • Derk Stokmans