Belg Rochus heeft zijn bouw tegen

De absolute tennistop is voor de Belg Rochus vermoedelijk niet haalbaar. Talent en vechtlust heeft hij voldoende, maar in lengte komt hij tekort.

Zijn lichaam was opnieuw de grootste tegenstander van de 23-jarige Belg Olivier Laurent Pierre Rochus. Het kleinste mannetje bij de US Open heeft alles in huis om zich te kunnen meten met de beste tennissers uit het circuit, behalve lengte. De 1,65 meter lange Rochus was in het Louis Armstrong Stadium slechts twee games verwijderd van een plaats in de kwartfinales toen alle krachten uit zijn gestel vloeiden. Zijn opponent Dominik Hrbaty hoefde alleen de bal nog maar in het spel te houden. De 26-jarige Slowaak maakte vervolgens elf games op rij en voegde zich voor de eerste keer in zijn loopbaan bij de laatste acht op Flushing Meadows met de cijfers 2-6, 3-6, 6-3, 6-4 en 6-0. Hrbaty stuit in de kwartfinales op de Brit Tim Henman. Rochus moest het doen met een ovatie van het Amerikaanse publiek dat te doen had met de speler die tegen beter weten in was blijven vechten. ,,Dit is heel teleurstellend'', sprak Rochus na afloop. ,,Ik was er zo dichtbij, maar ik kon na de kramp opeens niets meer. Ik speelde toen nog maar op 20 procent van mijn kunnen. Dat was niet genoeg.''

De manier waarop Rochus ten onder ging was typerend voor de in Namen geboren tennisser. Andermaal bleek dat hij niet de bouw heeft van een kampioen. De speler die op zijn zesde samen met zijn iets grotere broer Christophe met tennissen begon, strijdt zijn hele leven alleen maar tegen grotere spelers. In de tijd die hij als junior op het opleidingscentrum in het Belgische Bergen doorbracht werd hij door coach Thierry Van Cleemput klaargestoomd voor het internationale circuit. De verwachtingen waren hoog toen hij op zijn veertiende de zogenoemde Orange Bowl in Miami op zijn naam schreef. Rochus behoorde tot de beste jeugdspelers ter wereld. Maar zijn groei stokte en daarmee ook zijn ontwikkeling als proftennisser. Hij moest leren leven met de gedachte dat de absolute top waarschijnlijk nooit haalbaar voor hem is. De afgelopen vier jaar kwam Rochus op de US Open nooit verder dan de eerste ronde.

Des te opvallender waren daarom zijn prestaties in de eerste week van dit toernooi. Op de hardcourtbanen in de New Yorkse wijk Queens leek de nummer honderd van de wereldranglijst eindelijk een manier te hebben gevonden zijn tegenstrevers met zijn excellente techniek het zwijgen op te leggen. Met een meesterlijk slagenarsenaal en een slimme tactiek wist hij zijn gebrek aan fysieke kracht te compenseren. De tennisser die nog kleiner is dan de vorig jaar gestopte Michael Chang, haalde knappe zeges op achtereenvolgens Mario Ancic, Potito Starace en Carlos Moyá.

Vooral bij de zege op de als derde geplaatste Moyá wist Rochus de schijnwerpers van de internationale media op zich gericht. De Belg die als underdog aan dat treffen was begonnen, werd door het New Yorkse publiek naar een overwinning geschreeuwd. De Amerikaanse fans kiezen op Flushing Meadows vaak de zijde van de onderliggende partij. In dat licht bezien sprak de geringe lengte van Rochus eindelijk een keer in zijn voordeel. Na afloop van de heroïsche zege in vijf sets sprak `Oli' zonder aarzelen van ,,de grootste overwinning'' in zijn carrière. ,,Ik was heel moe op het einde. Ik weet niet waar ik de energie nog heb gevonden om te winnen'', waren de woorden van Rochus zaterdag.

Aanvankelijk wees alles erop dat de zoon van een dokter en een tandarts zijn triomftocht tegen Hrbaty gisteren zou kunnen voortzetten. In de eerste twee sets speelde Rochus met zijn tegenstander, die geen moment grip kreeg op het gevarieerde spelletje. In de verzengende hitte van New York speelde Rochus bij vlagen het beste tennis uit zijn loopbaan. De voormalige nummer 48 van de wereld kreeg wederom het publiek voor hem op de banken. In de derde set, na hij een break voorsprong, moest hij na een paar slordige games de winst aan Hrbaty laten.

In de vierde set leek de zege alsnog eenvoudig naar Rochus te gaan. Maar juist op het moment dat hij de revelatie van het toernooi kon worden, sloeg het noodlot toe. Met een voorsprong van 6-2, 6-3, 3-6 en 4-1 op het reusachtige scorebord schoot de kramp in zijn benen. Twee blessurebehandelingen van de toernooiarts konden hem niet meer voldoende op de been helpen. De snelheid was verdwenen en daarmee verloor Rochus' voornaamste wapen. Van een gevaarlijke tennisser die op vrijwel iedere bal een antwoord weet te bedenken, veranderde hij in aangeslagen bokser die wankelt op zijn benen. Rochus probeerde nog een keer alles te geven, maar het lichaam was op.

Zijn doorgaans al niet al te harde services bereikten snelheden van net boven de 120 kilometer per uur. Zelfs de meeste deelnemers aan het vrouwentoernooi slaan veel harder op dan Rochus deed. Het sierde hem dat hij tot het laatste punt op de baan bleef. De schreeuwende Amerikanen waardeerden zijn vechtlust, maar dit keer konden ze hem niet naar een nieuw hoogtepunt tillen.

Het was niet de eerste keer in de carrière van de jongste van de twee tennissende broers Rochus dat zijn lichaam niet kon wat zijn geest wilde. Maar een oplossing voor zijn fysieke problemen heeft Rochus noch zijn coach Julien Hoferlin voorhanden. Naar eigen zeggen doet hij vrijwel alles om voortdurend zo fit mogelijk te zijn. ,,Ik werk heel hard. Ik zal altijd zo lang mogelijk blijven vechten. Maar ik ben nu eenmaal geen machine.'' Rochus weet als geen ander dat tegen zijn grootste handicap, zijn lengte, geen remedie voor handen is.

    • Koen Greven