Bedrijven moeten uitstoot in 2005 openbaar maken

Informatie over de `uitstoot' van bedrijven wordt vanaf 14 februari 2005 voor iedereen toegankelijk. Het gaat daarbij om lozingen, afval, geluid en straling. Het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM) heeft dat gisteren bekendgemaakt.

Het ministerie van VROM volgt hiermee het Verdrag van Aarhus en een bijbehorende Europese richtlijn. Het Verdrag van Aarhus is in 1998 door de Europese economische commissie van de Verenigde Naties vastgesteld. Van de commissie zijn alle lidstaten van de Europese Unie en onder andere de Verenigde Staten en Canada lid. Het verdrag gaat over de openbaarheid van milieu-informatie en inspraak bij milieubesluitvorming.

Volgens de nieuwe regels is milieu-informatie altijd openbaar, tenzij er zwaarwegende redenen zijn voor geheimhouding. Nu zijn gegevens over de uitstoot van stoffen van bedrijven geheim als daaruit informatie over het productieproces valt af te leiden. Bedrijven kunnen bij de nieuwe wetgeving via een arbitrageregeling bezwaar aantekenen tegen het openbaar maken van hun emissiegegevens. Een overheidsinstantie zal dan de verschillende belangen afwegen. De verzochte informatie moet binnen vier weken bekendgemaakt worden.

Het ministerie van VROM vindt dat mensen recht hebben om te weten wat er gebeurt in hun omgeving. Ze vraagt deze week per brief aan gemeenten, provincies en waterschappen om zich voor te bereiden op de nieuwe regelgeving. De overheden moeten straks het publiek voorlichten over de nieuwe regels en helpen bij het vinden van informatie.

De uitstoot van CO2 kan met de nieuwe wetgeving niet bekend worden gemaakt. Nederland heeft daarvoor al wel een Europees protocol ondertekend dat het openbaar maken van de hoeveelheid CO2 verplicht, maar het is nog niet bekend wanneer het protocol ingaat.

Om het Verdrag van Aarhus te kunnen uitvoeren zijn er in 2003 twee Europese richtlijnen vastgesteld. Uiterlijk 14 februari volgend jaar moet de richtlijn over toegang tot milieu-informatie in nationale wetgeving zijn vastgelegd.