Irak opnieuw door veel geweld getroffen

Het doorgaande geweld in Irak heeft de afgelopen dagen onder anderen zes Amerikaanse militairen en 17 Irakezen het leven gekost. De Amerikanen sneuvelden vandaag bij de sunnitische stad Falluja, waar ze in een hinderlaag terechtkwamen.

Falluja wordt gecontroleerd door sunnitische extremisten en aanhangers van het omvergeworpen bewind van Saddam Hussein.

Een zelfmoordaanslag in de Koerdische stad Kirkuk in Noord-Irak kostte zaterdag 17 mensen het leven. Doelwit was een politieacademie. De Iraakse politie is al vele malen door extremisten bestookt. Daarbij zijn in totaal al honderden politiemannen om het leven gekomen.

Bij een gemeenschappelijke actie van Amerikaanse en Iraakse troepen tegen sunnitische rebellen in hun bolwerk in Latifiya, 35 kilometer ten zuiden van Bagdad, werden 500 mensen opgepakt van wie de meerderheid overigens snel weer is vrijgelaten. Ook is een grote hoeveelheid wapens in beslag genomen, aldus politieofficieren in de stad. Onder de arrestanten waren volgens de zegslieden geen buitenlandse extremisten. Dit onderstreepte opnieuw het lokale karakter van de guerrilla in Irak, hoewel Amerikaanse autoriteiten vaak hebben gezegd een belangrijke Al-Qaedarol zeggen te zien.

Het gebied van Latifiya is een riskant gebied voor buitenlandse passanten. Er zijn veel aanwijzingen dat zowel de later vermoorde Italiaanse journalist Enzo Baldoni als de Franse journalisten Georges Malbrunot en Christian Chesnot er 20 augustus werden ontvoerd.

De Franse regering bleef gisteren hoopvol dat de twee Franse journalisten ongedeerd worden vrijgelaten, hoewel minister van Buitenlandse Zaken Michel Barnier zaterdagavond met lege handen uit het Midden-Oosten is teruggekeerd. Volgens een invloedrijke Iraakse geestelijke heeft de militaire operatie in Latifiya de inspanningen geschaad om de vrijlating van de Fransen te bewerkstelligen. De geestelijke riep de groep die de Fransen vasthoudt op de gijzelaars onmiddellijk te laten gaan ,,als blijk van erkentelijkheid voor de Franse positie ten aanzien van Irak''.

Wel werd een Turkse chauffeur vrijgelaten nadat zijn transportbedrijf had aangekondigd niet langer in Irak te zullen komen. Ook drie ontvoerde Jordaniërs en een Soedanees herkregen hun vrijheid.

Volstrekte verwarring bestond vanochtend over de al-dan-niet arrestatie van Izzat Ibrahim al-Douri, vroeger een van de hoogste medewerkers van Saddam Hussein. De chef van het Iraakse leger in de stad Tikrit het ministerie van Defensie en en twee onderministers meldden gisteren dat Izzat Ibrahim was opgepakt in een naburige kliniek waar hij zich liet behandelen voor zijn leukemie. Bij een bloedig gevecht zouden 150 van zijn aanhangers die zijn arrestatie probeerden te verhinderen, zijn gedood of gevangen genomen. Een medewerker van interim-premier Iyad Allawi zei later dat DNA-testen werden genomen om te bevestigen dat het om Izzat Ibrahim ging.

Maar minister van Defensie Shaalan sprak vervolgens de berichten van zijn eigen ministerie tegen, de legerchef van de provincie Tikrit zei dat zijn troepen aan geen enkele operatie hadden deelgenomen, de kliniek liet weten van niets te weten, het ministerie van Gezondheid was niet op de hoogte van DNA-testen en het Amerikaanse leger had evenmin iets gehoord. Pas vanmiddag meldde het Iraakse ministerie van Binnenlandse Zaken dat de arrestant niet Izzet Ibrahim was.