Verdacht van atoomhandel met Pakistan

Een Zuid-Afrikaanse zakenman is gisteren in staat van beschuldiging gesteld wegens de handel in nucleair materiaal dat kan worden gebruikt voor het maken van massavernietigingswapens.

De 53-jarige ingenieur, Johan Andries Muller Meyer, heeft de beschuldigingen voor een rechtbank in Johannesburg tegengesproken. Hij wordt vastgehouden tot hij op 8 september wordt voorgeleid.

Volgens de aanklacht heeft de Zuid-Afrikaan in 2001 goederen in- en uitgevoerd die ,,kunnen bijdragen aan de ontwikkeling, fabricage, onderhoud of gebruik van massavernietigingswapens''. Volgens Zuid-Afrikaanse kranten heeft de man het materiaal mogelijk naar Pakistan geëxporteerd. Op de dag van zijn arrestatie, donderdag, was de man in het bezit van ontwerpen en materialen waarmee gascentrifuges kunnen worden gemaakt voor de verrijking van uranium.

De arrestatie van de zakenman, directeur van een ingenieursbureau en woonachtig in Pretoria, volgt op een onderzoek van een jaar, waarbij de geheime diensten van Zuid-Afrika, de Verenigde Staten en Israël zijn betrokken. Ook het Internationaal Atoomenergieagentschap (IAEA) was bij het onderzoek betrokken.

Zuid-Afrika is ondertekenaar van het verdrag tegen verspreiding van kernwapens. Het apartheidsregime ontwikkelde in de jaren zeventig, naar verluidt in samenwerking met Israël, nucleaire wapens. De wapens moesten dienen als bescherming voor mogelijke gevaren uit de buurlanden als Mozambique en Angola die tijdens de Koude Oorlog militaire steun ontvingen uit de Sovjet-Unie.

Vlak voor de afschaffing van de apartheid gaf toenmalig president F.W. de Klerk de opdracht tot vernietiging van de zes wapens. De Amerikaanse angst dat de wapens in handen zouden vallen van het zwarte Afrikaans Nationaal Congres (ANC) van Nelson Mandela zou tot die beslissing hebben bijgedragen. Vlak voor het begin van de oorlog in Irak werd Zuid-Afrika door de Amerikaanse minister Colin Powell geprezen voor de toenmalige ,,goede en vredige samenwerking'' met het Internationaal Atoomenergieagentschap.

De naam van Zuid-Afrika valt vaak in verband met de internationale smokkel van kernmateriaal. Begin dit jaar werd in Denver (Verenigde Staten) een Israëlische zakenman die in Zuid-Afrika woont, gearresteerd omdat hij nucleair materiaal aan connecties in Pakistan zou hebben verkocht.

Een maand later bezochten Amerikaanse agenten Zuid-Afrika om onderzoek te doen naar een zakenman uit Kaapstad die ook kernmateriaal naar Pakistan exporteerde.

Vorige maand startten de Duitse autoriteiten een onderzoek tegen twee Duitsers die Libië zouden hebben geholpen bij de productie van verrijkt uranium. Een van de verdachten woont in Zuid-Afrika. Hij zou als tussenpersoon hebben gediend voor een Zuid-Afrikaanse producent van pijpleidingen voor gas centrifuges waarmee verrijkt uranium kan worden geproduceerd.