Gratis concerten tegen het snoeien

Meer dan honderd Nederlandse bands en dj's geven op 1 en 2 oktober gratis concerten op de poppodia in het land. De artiesten protesteren op deze manier tegen de mogelijke verdwijning van het Nederlands Popmuziek Plan, de subsidieregeling voor popmusici.

Dankzij het Nederlands Popmuziek Plan is een levendig clubcircuit ontstaan in Nederland. Ieder jaar zijn er meer dan 6.000 live optredens. Het Nationaal Pop Instituut, de Vereniging Nederlandse Poppodia en het Music Managers Forum zijn bang dat met de verdwijning van de subsidieregeling het popklimaat in Nederland in gevaar komt. Onder meer Pater Moeskroen, Beef en Nuff Said werken mee aan de actie `Pop voor Nop!'.

Bands worden met het Nederlands Popmuziek Plan via de podia en festivals gesubsidieerd. De zaal ontvangt subsidie als de gemaakte kosten hoger zijn dan de entree-opbrengsten van de avond. In dat geval betaalt het Popinstituut het podium een deel van het tekort, tot een vastgesteld maximum. Podia lopen zo minder financiëel risico als zij minder bekende Nederlandse bands programmeren.

Andere podiumkunstenaars gaan dit weekeinde al protesteren tegen de bezuinigingen in de cultuursector, die volgens een recent onderzoek van Berenschot 6.000 banen zullen kosten. Op de openingen van het culturele seizoen in Rotterdam, Utrecht en Den Haag worden acties gehouden. Net als afgelopen weekeinde op de Amsterdamse Uitmarkt, wordt het publiek gevraagd een actiekaart of e-mailkaart in te vullen en Den Haag te vragen zuinig te zijn op kunst.

Overal in de steden hangen banieren, de stands zijn voorzien van borden met het actielogo en flyers worden uitgedeeld. Op diverse plaatsen zal STIL ten gehore worden gebracht: een compositie van Louis Andriessen met tekst van Freek de Jonge. In Utrecht zal dit plaatsvinden op het Domplein met een 120 man sterk koor.

Staatssecretaris Medy van der Laan (Cultuur) bezuinigt volgend jaar 19 miljoen euro op kunst. Volgens het Berenschot-rapport Bezuinigen op cultuur komt het bezuinigingsbedrag in werkelijkheid uit op minstens 59 miljoen euro – als allerlei indirecte bezuinigingen worden meegeteld.