`Dit land mist historisch drama'

De Slowaken lopen niet erg warm voor hun eigen land. Ze hebben er nooit echt voor hoeven vechten. `Ik voel me nog altijd Tsjechoslowaak.'

Eerst was er de Hongaarse overheersing. Toen de Tsjechische, toen de Russische. Sinds 1993, sinds het uit elkaar vallen van Tsjechoslowakije, staat de Slowaak voor het eerst in duizend jaar helemaal op eigen benen. En dat valt niet mee.

,,Voor het kweken van een identiteit heb je doorgaans twee dingen nodig'', grapt František Šebej, oud-psycholoog, oud-parlementariër en hoofdredacteur van het vooraanstaande Slowaakse opinieblad Domino Forum. ,,Je hebt een romantisch idee over jezelf nodig en vooroordelen jegens anderen. Van dat eerste hebben we vrijwel niets, van dat tweede te veel.''

,,Ik voel me nog altijd Tsjechoslowaak'', zegt Miroslav Kusý, oud-dissident en één van de eerste ondertekenaars van het dissidente manifest Charta 77. De 73-jarige Kusý aarzelt geen seconde. ,,De splitsing was een vergissing. Tsjechië en Slowakije samen zouden een middelgroot land zijn geweest, zoals Oostenrijk of Hongarije. Nu zijn ze beide te klein.''

De Slowaken lopen niet warm voor hun piepjonge land. Tijdens een recente herdenking van Alexander Dubcek, de communistenleider die de Praagse Lente mogelijk maakte, kwamen nog geen veertig mensen opdagen. De herdenking, afgelopen zondag, van de Slowaakse nationale opstand uit 1944, een heroïsche bladzijde uit de Slowaakse geschiedenis, was mat en ongeïnspireerd.

De Slowaak is ook niet te porren voor referenda en verkiezingen. Het referendum, vorig jaar, over toetreding tot de Europese Unie was maar ternauwernood geldig: de opkomst was afgerond net 51 procent. Bij de presidentsverkiezingen eerder dit jaar bleven kiezers massaal thuis. De lage opkomst maakte de weg vrij voor de verkiezing van Ivan Gašparovic, die door de internationale gemeenschap wordt gewantrouwd, omdat hij in de jaren negentig de rechterhand was van Vladimír Meˇ­ciar, destijds de zeer autoritaire premier van het land.

,,Het is gênant dat we Gašparovic als president hebben'', zegt Šebej. ,,Dat mensen niet gaan stemmen is ronduit onverantwoordelijk, maar het is de prijs die we betalen voor een democratie.''

,,Ik neem het de mensen niet echt kwalijk'', zegt Kusý. ,,De populairste opinieleiders in Slowakije zijn doorgaans acteurs en komieken. Zij leveren geen onderbouwde kritiek, maar maken de instituten in dit land – de president, het parlement – voortdurend belachelijk. Ze richten daarmee grote schade aan. Ze onderschatten de macht van het woord.'' Slowakije, zegt Kusý, is vergeleken met andere landen heel laat geïndustrialiseerd. ,,De meeste inwoners van Bratislava zijn nog plattelanders van de eerste generatie. Wij hebben geen grote intellectuele traditie, zoals Polen of Tsjechië.''

Slowakije is altijd onderdeel van een groter geheel geweest. Eerst behoorde het eeuwenlang tot het Hongaarse rijk, na 1918 was het onderdeel van Tsjechoslowakije en na de Tweede Wereldoorlog belandde het in de invloedssfeer van de Sovjet-Unie. ,,De Slowaak heeft zich altijd aangepast'', zegt Šebej. ,,Het land bezit daardoor geen historisch drama.'' De opstand uit 1944 is de uitzondering die de regel bevestigt. ,,Die gebeurtenis was nou echt het vieren waard, want toen hebben we laten zien dat we ook bereid zijn om voor vrijheid te vechten.''

Het drama dat aan de opstand vooraf ging – zes jaar Slowaaks fascisme onder leiding van de priester Jozef Tiso en de uitlevering van de joodse bevolking aan Hitler – was niet bepaald romantisch of heroïsch. ,,Dankzij een nieuwe generatie historici is het nu niet langer onbespreekbaar'', zegt Kusý. ,,Maar er zijn nog steeds veel mensen die Tiso niet als oorlogsmisdadiger willen zien, hoewel hij na de oorlog is terechtgesteld. Zijn graf in Bratislava ligt elk jaar weer bezaaid met bloemen.''

Ook onder het communisme overheerste het pragmatisme, zo ondervond Kusý aan den lijve. Hij stond in Slowakije aanvankelijk vrijwel alleen in zijn oppositie tegen het communisme en was in ieder geval de enige Slowaak die Charta 77 meteen ondertekende. Verder tekenden alleen maar Tsjechen. ,,Als ik had geweten dat ik de enige was, had ik misschien niet getekend'', zegt Kusý, wiens leven in het teken kwam te staan van eindeloze politieverhoren en celstraffen. ,,Pas in 1989, toen ik aan de vooravond van de omwenteling opnieuw in de gevangenis werd gezet, kwam er een beweging op gang die ijverde voor mijn vrijlating.''

In 1993 werd door de elites van beide landen een politiek machtsspel gespeeld dat uiteindelijk leidde tot de geforceerde splitsing van Tsjechoslowakije. Opiniepeilingen gaven destijds aan dat de Tsjechoslowaken hier in meerderheid tegen waren. ,,Het was niet logisch. Binnen de EU vielen de grenzen weg en wij trokken een nieuwe grens'', zegt Kusý. ,,Het argument vóór was dat de Tsjechen ons misbruikten, maar dat was gewoon niet waar. De geldstroom is altijd van Praag naar Bratislava gegaan. Zeker niet andersom.''

Veel Slowaken treuren nog steeds om de scheiding. In disco's in Bratislava schallen Tsjechische liedjes uit de luidsprekers. Langs de Donau in de Slowaakse hoofdstad staat nog steeds het bronzen beeld van een leeuw, vroeger het symbool van Tsjechoslowakije, tegenwoordig alleen nog van Tsjechië. ,,Het enige positieve aan de splitsing was dat Slowakije gedwongen werd om volwassen te worden'', zegt Šebej. ,,Het heeft ons leerproces versneld. We zien nu direct de gevolgen van onze eigen beslissingen.'' Kusý: ,,We kunnen anderen niet meer de schuld geven of verantwoordelijk maken voor onze problemen.''

Alhoewel: de Europese Unie zou wel eens de oude en vertrouwde rol van overheerser kunnen gaan vervullen. Šebej denkt dat de Slowaken in de EU onbewust een volgende `vaderfiguur' zoeken. ,,Veel Slowaken denken terecht dat Slowakije niet in staat is om eerlijke, goede politici voort te brengen. Maar de EU kan dat gebrek niet voor ons goedmaken. Zo werkt het niet. We moeten voor onszelf verantwoordelijkheid nemen.''