Rietveld-stoel van legoblokjes

Meubels voor de massa. Dat is wat Gerrit Rietveld wilde maken. Maar in plaats van op de meubelboulevard belandden zijn kratmeubels – Ikea avant la lettre – in het museum. Het heeft hem gefrustreerd tot aan zijn dood. Hij zou dan ook blij verrast zijn met Mario Minale's 106% Rietveld. De Italiaan bouwde zijn beroemde Rood/Blauwe Stoel na. In lego-blokjes. Bouwtekeningen aan de muur leggen stap voor stap uit hoe je thuis, met rode, zwarte, blauwe en gele steentjes je hoogstpersoonlijke Rietveld kan maken.

Minale heeft een vrolijke, optimistische kijk op industriële producten. Het liefst zou hij in samenwerking met de Deense steentjesfabrikant de meest unieke designiconen oneindig reproduceerbaar en breed beschikbaar maken.

De zeven andere exposanten van Master Pieces bij Droog Design, allemaal net afgestudeerd aan de IM Masters-opleiding van de Eindhovense Design Academy, hebben juist een afkeer van de uniformiteit en inwisselbaarheid die geleidelijk aan bij industriële massaproductie is gaan horen. Voor hen is `customizing', het verpersoonlijken van anonieme kopieën, het toverwoord.

De Duitse Tina Roeder gaat daarin misschien het verst. Ze lijkt niet alleen medelijden te hebben met de consument die moet leven in een wereld vol fantasieloze massaproducten, maar met die massaproducten zelf. Ze verzamelde riempjes, lipjes van blikjes, krammetjes en kraaltjes aan touwtjes. Onooglijke prullen die na een onopgemerkt bestaan stranden in potjes, op vergeten planken, in stoffige bureaulades. Maar voorzien van een leverkleurig verflaagje en gestoken in een vlezig etuitje krijgen ze iets mysterieus. Waar het chique setje toe dient blijft vaag, maar de fascinatie is gewekt.

Ook Kuniko Maeda verbuigt betekenissen door materiaal te vervormen. Zij naait tafellakens van plakjes kaas en boterhammen, construeert krukjes van solide blokken chocola. Zo krijgt iets alledaags als voedsel een absurde maar feestelijke lading. Jarrod Beglinger probeert iets dergelijks met de eettafel, waar hij drie varianten van maakte. Eentje is zo smal als een tafelpoot en biedt enkel ruimte aan deels afgesneden borden, kopjes en een kandelaar. Een ander bestaat uit een stalen grid waarin allerhande tafelpoten zijn gestoken. De derde is een rek waaraan servies en bestek bengelen als een ode aan de afwas. Beglingers werk is verzorgd maar mist diepgang. Het stipt iets aan (de vorm van tafels) zonder de onderliggende vraag te stellen (waarom zijn tafels zo eenvormig?).

Dat is anders bij de Time Pieces van Itay Noy. Op het eerste gezicht lijkt het werk van de Israeliër direct en helder. Hij print afbeeldingen van kapotte horloges op de wijzerplaten van nieuwe exemplaren. De herinneringen en emotionele waarde die aan het oude klokje kleven, worden overgeheveld naar een nieuwe drager, alsof er een ziel wordt getransplanteerd. Dat klinkt aannemelijk en logisch. Totdat je je afvraagt waar het originele exemplaar zijn unieke status aan ontleent. Het zal toch niet zo zijn dat de horloges die vroeger uit de fabriek rolden allemaal zoveel karakteristieker en unieker waren dan de hedendaagse? Customizing is blijkbaar niet iets dat enkel aankomt op de maker of het product.

Master Pieces: t/m 3 okt in Droog Design, Staalstraat 7a/b, Amsterdam. Di-za 10-18u.

    • Edo Dijksterhuis