Na ons komt de echte ramp

Het gedachtegoed van de Britse politicoloog John Gray vindt in Nederland gretig aftrek. Drie recente boeken verschenen in Nederlandse vertaling: Vals Ochtendlicht. De keerzijde van de globalisering, Strohonden. Gedachten over mensen en andere dieren en Al Qaeda en de moderne tijd. Gray is ook een veelgevraagd spreker, zoals tijdens de Nacht van de Filosofie in april van dit jaar. In Heresies. Against Progress and other Illusions, een bundel essays en columns die Gray schreef voor het Britse weekblad New Statesman, ligt, net als in zijn eerdere werk het humanisme onder vuur.

Het idee dat wetenschappelijke kennis de mensheid van rampspoed zal bevrijden, is weinig anders dan de christelijke verlossingsgedachte in een seculier jasje, vindt Gray. Lang zal het volgens hem niet meer duren voordat dit vooruitgangsgeloof zijn ongelijk bewijst. Overheden zullen niet bij machte blijken te zijn biotechnologie en genetische manipulatie uit handen te houden van de oorlogsindustrie en criminele netwerken. Volgens Gray zal er niet minder dan een nieuwe mensensoort ontstaan waarbij de koelbloedigheid van de zelfmoordterroristen zal verbleken. In navolging van de milieufilosoof Lovelock voorspelt Gray dat de aarde – om haar voortbestaan veilig te stellen – de ongebreideld consumerende en te talrijke mensheid van zich af zal schudden.

Naast deze apocalyptische voorspellingen, becommentarieert Gray in deze bundel ook actuele politieke kwesties zoals de oorlog in Irak. Fantasieën over een maakbare, perfecte wereld liggen volgens hem diep in de Amerikaanse traditie verankerd. Vandaar dat de oorlogszuchtige zendingsdrang van de Amerikaanse neoconservatieven niet in te dammen was, terwijl iedere redelijk vooruitziende waarnemer een catastrofe in Irak kon zien aankomen. Gray probeert zijn lezers te overtuigen van zijn consistente lijn, maar zijn denken is niet immuun voor de waan van de dag. In maart 2002 (alle opgenomen stukken zijn voorzien van de oorspronkelijke publicatiedatum) spreekt hij nog zijn vertrouwen uit in de Hobbesiaanse Amerikaanse machtspolitiek en verklaart hij de Amerikaanse hegemonie als het enige alternatief te beschouwen voor wereldwijde anarchie. Een jaar later noemt hij de Verenigde Staten ongeschikt als wereldleider en roept hij Europa op zich assertiever op te stellen tegenover het Amerikaanse imperialisme.

Tot slot analyseert Gray uitgebreid de opkomst van nieuw-rechts in Europa. Als geen andere Europese politicus begreep Pim Fortuyn volgens Gray dat het electoraat zich niet langer voegt naar oude politieke categorieën. Liberaal en progressief waar het gaat om hedonistische genoegens als seks en drugs, reactionair in zijn opvattingen over milieu- en immigratiebeleid. De Europese politieke elites zijn blind voor deze nieuwe tijdgeest. Daarom zullen de middenpartijen, zo voorspelt Gray, binnen enkele jaren in heel Europa samen met nieuw-rechts moeten regeren.

Heresies biedt voor wie bekend is met Grays eerdere werk weinig nieuws. De aanvankelijk prikkelende aforistische stellingen verliezen door de vele herhalingen hun zeggingskracht en vervallen tot simplistische sweeping statements. De indruk blijft hangen dat Gray zichzelf als de enige denker beschouwt die het door hem verafschuwde `menselijke perspectief' kan ontstijgen en rechtstreeks toegang heeft tot het scenario dat de aarde voor de mensheid in petto heeft. Dat dit toekomstscenario zo radicaal verschilt van het gangbare morele en politieke gedachtegoed, maakt Grays analyses toch het overdenken waard.

John Gray: Heresies. Against Progress and other Illusions. Granta Books, 216 blz. €15,99

    • Irena Rosenthal