Bush gokt op strijd tegen terreur

George Bush gelooft in zijn rol als leider in de oorlog tegen het terrorisme. Laatste dag van een logboek over de Republikeinse Conventie.

De hele nacht was er gewerkt aan een nieuw podium voor het optreden van president Bush. Het werd een rond toneel midden in Madison Square Gardens, bereikbaar via een catwalk waarachter vlaggen, vuurwerk en andere campagnekunst werd geprojecteerd op grote schermen.

Het moest het symbool worden van de gelouterde staatsman, die zich kwetsbaar onder zijn volk beweegt. Toen het zo ver was dat George W. Bush gisteravond `zijn' conventie kwam afsluiten, stond er vooral een man die zeker was van zijn zekerheid. Een president die gelooft in zijn rol als leider in de oorlog tegen het terrorisme. En daar het vervolg van zijn politieke carrière op gokt.

Sommige Amerikaanse critici misten na afloop zelfkritiek, bijvoorbeeld over het verloop van de operaties in Irak, het weglekken van de vorderingen in Afghanistan, het groeiende probleem-Iran, de aanhoudende werkloosheid, maar Bush kende geen tegenslagen. Alleen uitdagingen die hij zou aanpakken: ,,Niets kan ons tegenhouden.'' Hij kwam wel met een toefje zelfspot: ,,Ik wist dat ik een spraakprobleem had toen Arnold Schwarzenegger m'n Engels begon te verbeteren.''

De uitlegmachine van de Republikeinen had een week vol warm conservatisme beloofd. Als om dat te onderstrepen waren alle rechtse houwdegens uit het programma geweerd. Gematigde Republikeinen als Rudy Giuliani en de nieuwe gouverneur van Californië, ex-Terminator Schwarzenegger, stonden voor daadkrachtige redelijkheid. Maar zelfs in hun toespraken werd de Democratische opponent John Kerry zo vaak en in de zelfde bewoordingen over de knie gelegd dat de hand van de centrale tekstschrijver zichtbaar werd.

Na de uitzonderlijk harde aanvallen op Kerry, woensdag naar een hoogtepunt gevoerd door de ontheemde zuidelijke Democraat Zell Miller, en in iets mildere vorm door vice-president Cheney, leek president Bush zich te kunnen veroorloven gracieus te zwijgen over zijn tegenstander. Maar ook hij greep naar de intussen bekende oneliners: Kerry was eerst voor de Oorlog tegen Irak en daarna tegen voldoende geld voor de troepen; Kerry is een flipflopper. Bush verweet hem zelfs voor big government te zijn, nadat hij zelf het aantal federale ambtenaren sterker heeft laten groeien dan Clinton en Carter in twaalf jaar.

In het eerdere deel van zijn toespraak had Bush impliciet diegenen geantwoord die hem verweten geen binnenlands plan te hebben. Hij gaf een waslijst met prestaties en voornemens. Verschillende klonken bekend: zorgen dat ieder schoolkind leert lezen en schrijven, privatisering van de pensioenen en de ziekteverzekering. Enigszins nieuw was de formulering van een `eigenaars-samenleving', die iedere Amerikaan de kans geeft een stukje Amerika te bezitten.

Het klonk gemeend, en met vooraf rondgestuurde uitlegberichten werd de te verwachten kritiek dat het allemaal erg vaag was, bij voorbaat gepareerd. Maar de president liep pas warm voor zijn eigen betoog toen hij de verdediging van de nationale veiligheid raakte. ,,Als Amerika de komende tien jaar onzekerheid en zwakte toont, stevent de wereld op een tragedie af.''

Amerika's strategie in de wereld is succesvol, hield Bush zijn conventie voor. Afghanistan, Pakistan, Libië, Saoedi-Arabië, het zijn allemaal landen die zich nu inzetten voor de strijd tegen de terroristen. ,,In Irak zagen we een dreiging'', was de inleiding tot een passage die uitmondde in een eerder morele dan feitelijke beschrijving van de ook daar werkende aanpak. Het was een moeilijke beslissing, maar daar zit je voor in het Oval Office.

,,Omdat wij handelend optraden ter verdediging van ons land, zijn de moordzuchtige regimes van de Talibaan en Saddam Hussein nu geschiedenis, zijn meer dan vijftig miljoen mensen bevrijd en is de democratie in opkomst in het Midden-Oosten in ruimere zin.''

Bush dankte de bondgenoten, met name de leiders van Groot-Brittannië, Polen, Australië en Italië. Zijn tegenstander had gesproken over `de coalitie van de gedwongenen en de omgekochten'. Maar zo was het niet, aldus Bush, Amerika is dankbaar jegens iedere soldaat uit Nederland, Japan, Denemarken, El Salvador en al die andere landen die helpen.

De president kwam tegen het eind van zijn toespraak dicht bij een definitie van de president die hij nog vier jaar wil zijn. Hij associeerde zich nauw met de families van slachtoffers, zowel van de New Yorkse aanslagen als van de oorlog in Irak en schetste in eigen land een Amerikaan die hard werkt, inventief en vastberaden is in tegenslag, en bereid tot offers. ,,We zien Amerika's karakter in onze krijgsmacht. We zien het in onze jongeren, die nieuwe helden hebben gevonden. We zien dat karakter in werknemers en ondernemers die onze economie vernieuwen met inzet en optimisme.''

De president en zijn ideale Amerikaan vielen uiteindelijk samen. En daarom zou iedereen op hem moeten stemmen.

John Kerry was het er duidelijk niet mee eens. Terwijl de ballonnen op de verlaten vloer van Madison Square Gardens werden opgeveegd, hield de Democratische uitdager in Ohio een middernachtelijke toespraak waarin hij de bal hard kaatste. Bush komt met een optimaal resultaat uit zijn conventie maar de handschoenen gaan uit en de komende twee maanden gaat het waarschijnlijk hard tegen hard.

    • Marc Chavannes