Zonder EU stonden geen vijf gsm-masten op het dak

Onbedoeld geven Europese maatregelen voor transport, concurrentie en milieu Nederland een ander gezicht. De politiek eist maatregelen. ,,Laten we pragmatisch blijven.''

Let op hoe Europees beleid op één terrein het aanzien van Nederland en andere lidstaten in z'n totaliteit kan wijzigen. Neem de liberalisering van de telecommunicatie. Die heeft niet alleen geleid tot lagere prijzen, maar ook tot verschillende netwerken voor mobiele telefonie. ,,Het resultaat is dat er meer antennes op daken van gebouwen en masten op het platteland staan dan als er slechts één aanbieder was geweest.''

Het is maar een klein voorbeeld uit het rapport `Unseen Europe', dat het Ruimtelijk Planbureau (RPB) gisteren presenteerde. De studie laat zien dat Europese maatregelen op het gebied van concurrentie, transport, landbouw, water, natuur en milieu grote consequenties hebben voor de ruimtelijke inrichting van Nederland. En dat terwijl er formeel helemaal geen Europees ruimtelijk beleid bestaat. Waar Europese ministers van financiën, landbouw, transport en milieu regelmatig bijeenkomen, blijven de ministers van ruimtelijke ordening thuis.

Dat moet anders, vindt CDA-Kamerlid Van Bochove. ,,Ik ben verrast dat er zo weinig afstemming bestaat tussen de Europese ministers van ruimtelijke ordening'', zegt hij. Het RPB constateert dat Nederland mainportbeleid formuleert voor de Rotterdamse haven en Schiphol dat in enkele gevallen ,,volkomen irrevelant'' is door Europese besluiten over uitbreiding van het Europese waterwegennet of de liberalisering van de luchtvaart. Zo ook wil Nederland min of meer vasthouden aan het bouwen in en om grote steden, terwijl de Europese normen voor luchtkwaliteit dat op sommige plaatsen onmogelijk maken. Daar komt bij dat het Europese landbouwbeleid Nederland als het ware uitnodigt om het platteland te gaan volbouwen. Ook discussies over de schoonheid van windmolens doen er minder toe, als die over enkele jaren de enige manier vormen om Europese doelen voor duurzame energie te halen.

Een nieuwe koers is gewenst. Van Bochove vindt om te beginnen dat minister Dekker (VVD) haar collega-bewindslieden ,,goed moet opvoeden'' en ervoor zorgen dat de vakministers bij het nemen van maatregelen rekening houden met de ruimtelijke effecten daarvan. Daarnaast moet Nederland als tijdelijke EU-voorzitter de komende maanden ,,initiatieven'' nemen voor regulier overleg tussen Europese ministers van ruimtelijke ordening. ,,De integraliteit is nu zoek. Laat er maar een Europese raad komen van ministers van ruimtelijke ordening. Die hoeft misschien niet zes keer per jaar bijeen te komen, maar wel regulier.''

Niet alle EU-landen hebben er behoefte aan. Het kleine Nederland is dichter bevolkt dan de rest van Europa. PvdA-Kamerlid Verdaas: ,,In andere landen staat ruimtelijke ordening minder hoog op de agenda, omdat die landen meer ruimte hebben. Maar voor ons gaan al die maatregelen wel knellen. Dit kabinet heeft daar in zijn Nota Ruimte veel te weinig aandacht voor; men doet net of Nederland een eiland is. De vraag is nu of je al die maatregelen zomaar over je heen laat komen, of dat je in Brussel daarover spreekt. Misschien is zo'n Europese raad voor ministers van ruimtelijke ordening niet zo'n gekke gedachte.''

GroenLinks-Kamerlid Duyvendak voelt meer voor het inschakelen van een ,,gezaghebbend Europees instituut'' dat in een vroeg stadium wijst op de ruimtelijke effecten van Europese maatregelen. ,,Zo'n instituut moet aan de discussie trekken en sleuren.'' Zoals het nu gaat, kan het niet langer, vindt Duyvendak. ,,Het is toch van de gekke dat Rotterdam en Antwerpen elkaar op leven en dood beconcurreren, waardoor de kavelprijs zakt en daardoor eerder wordt bebouwd.'' VVD-Kamerlid Geluk ziet in het rapport het zoveelste bewijs dat Brussel zich te veel bemoeit met Nederland. ,,Er gaan bouwplannen niet door omdat er ergens een dwarsgestreepte schildpad rondloopt.'' Omdat Nederland zo dichtbevolkt is, moeten we zorgen dat Brussel beleid overlaat aan de regio's, zoals dit kabinet ook in eigen land van plan is: centraal wat moet, decentraal wat kan. ,,Laten we alsjeblieft pragmatisch blijven.''

Minister Dekker wil zeker een ,,bewustwording'' op gang brengen bij andere Nederlandse bewindslieden. De VVD-bewindsvrouw vindt ook dat bij Europese maatregelen rekening moet worden gehouden met regionale verschillen. Dekker organiseert als EU-voorzitter over twee maanden een conferentie in Rotterdam over Europees ruimtelijk beleid. ,,In de nieuwe EU-grondwet staat het begrip `territoriale cohesie' genoemd. Wat we daaronder moeten verstaan is nog niet duidelijk. Daar moeten we over spreken.'' Maar een voorstel om te komen tot een aparte Europese ministerraad zit er wat haar betreft nog niet in. Dekker: ,,Het ruimtelijk beleid in de lidstaten is totaal verschillend.'' Wel moet er wat Dekker betreft meer aandacht komen voor de subsidiariteit, het beginsel dat de EU-lidstaten zelf bepalen hoe Europees beleid in eigen land wordt uitgevoerd. Dekker: ,,Europa moet uitgaan van de verscheidenheid van landen. In die verscheidenheid ligt de kracht van Europa. De vraag is vervolgens hoe we met z'n allen die territoriale verscheidenheid kunnen verbinden met duurzame groei.'' Als voorbeeld noemt zij de Europese richtlijn voor luchtkwaliteit. Die gaat Nederland niet halen, doordat er te veel woningen langs snelwegen zijn gebouwd. Misschien, zegt Dekker, moeten dichtbevolkte landen meer tijd krijgen om zo'n richtlijn uit te voeren.

Directeur Derksen van het Ruimtelijk Planbureau bepleit een geïnteresseerde houding tegenover Europa. Dat betekent er rekening houden dat Europa geen prioriteit heeft gegeven aan de aanleg van een spoorverbinding tussen Schiphol via het Noorden naar Scandinavië. En als Nederland die magneettrein toch wil aanleggen, ervoor zorgen dat die aanluit op een internationaal netwerk. Ophouden met Antwerpen te ,,plagen'' door met Rotterdams geld nog een haven in Vlissingen aan te leggen. En in het algemeen kritisch zijn, aldus Derksen. ,,Moet Europa zich wel uitspreken over lokale luchtkwaliteit of overschrijdingen van de nitraatrichtlijn? Is dat subsidiariteit? Wordt het niet te uniform?''

    • Arjen Schreuder