VNO wil meer ruimte voor prepensioen

De overgangsregeling voor het prepensioen moet worden verruimd, vindt VNO-NCW. De ondernemingsvereniging wil dat het oude systeem ook blijft gelden voor werknemers jonger dan 57 jaar.

Dat schrijft VNO-NCW vandaag aan de vakcentrales FVN, CNV en MHP, met het verzoek om dat samen bij het kabinet te bepleiten.

Het kabinet stelde vorige week voor het huidige stelsel van VUT en prepensioen intact te laten voor iedereen die begin volgend jaar 57 jaar of ouder is. Voor iedereen die jonger is, worden de fiscale tegemoetkomingen voor het prepensioen afgeschaft.

VNO-voorzitter Jacques Schraven reageert met de brief op een oproep van de vakcentrales aan de bij VNO-NCW aangesloten bedrijven om de komende vakbondsacties tegen het kabinetsbeleid te gedogen. De vakcentrales noemen VNO-NCW in die brief van vorige week een ,,bondgenoot'' van het kabinet en ,,deelgenoot aan het conflict tussen vakbeweging en kabinet''. Schraven legt in zijn brief de verantwoordelijkheid voor het mislukken van het voorjaarsoverleg over een compromis over het prepensioen bij de vakbeweging.

,,Dan moeten ze niet flauw doen en acties gaan voeren waar de economie alleen maar schade door oploopt'', zei Schraven vandaag. ,,Het kabinet is hun nota bene al tegemoetgekomen door meer mensen hun rechten op prepensioen te laten houden. Laten ze nou met ons proberen om die groep nog verder uit te breiden.''

Een woordvoerder van de FNV noemde de brief van Schraven ,,schandelijk'' en zei dat de tijd van praten voorbij was, en dat er nu actie gevoerd wordt.

VNO-NCW wil zich niet vastleggen op een leeftijdsgrens voor het ruimere overgangsrecht, maar die moet zo laag mogelijk liggen. Dat zou de maatschappelijke weerstand verkleinen tegen de volgens VNO-NCW wel noodzakelijke afschaffing van de fiscale ondersteuning van het prepensioen. Ook zouden er minder technische problemen in de uitvoering ontstaan omdat er meer tijd is om nieuwe regelingen te treffen.

Eerder deze week stelden de pensioenfondsen in een rapport aan het kabinet en de Kamer dat invoering per januari 2006 voor de nieuwe plannen met prepensioen onhaalbaar is. De Vereniging van Bedrijfstakpensioenfondsen en Stichting van Ondernemingspensioenfondsen spreken van ,,onverantwoorde wetgeving''.

Volgens de fondsen betekenen de kabinetsplannen ook een forse administratieve lastenverzwaring. Binnen prepensioenregelingen moet vanaf 2006 onderscheid worden gemaakt tussen werknemers van 57 jaar en ouder enerzijds en jongere werknemers anderzijds. Die administratieve splitsing, die zij veertig jaar zeggen te moeten volhouden, gaat tientallen miljoenen euro's kosten, schrijven de fondsen. Die kosten moeten uit premie-opbrengsten van werkgevers en werknemers worden betaald.