Een vrij man in een ander land

De abrupte vrijlating van Anwar Ibrahim bewijst dat Maleisië bezig is te veranderen. Het islamitische land is bezig de nare kanten van het Mahathir-verleden van zich af te schudden.

De berechting van Anwar Ibrahim eindigde even abrupt als ze begon. Met een verrassende uitspraak van de rechter waar niemand op had gerekend. Dit keer was er echter gelegenheid voor blijdschap: de charismatische ex-vice-premier en ex-minister van Financiën van Maleisië hoeft zijn straf van negen jaar wegens sodomie niet meer uit te zitten. Sterker nog, hij is volledig vrijgepleit, bij gebrek aan bewijs.

Het handjevol trouwe Anwar-aanhangers voor de hekken van het hoogste hof in Putrajaya brachten bij het verschijnen van hun leider in de openbaarheid een luid `Reformasi!' ten gehore, de strijdkreet waarmee de voormalige rivaal van de Maleisische leider Mahathir Mohammad in 1998 nog tienduizenden mensen op de been kreeg.

Maar het vrije Maleisië waar de zichtbaar verzwakte, maar nog altijd veerkrachtige Anwar vanuit de rechtszaal in zijn rolstoel naar toe werd gerold, is niet meer het land dat hij zes jaar geleden gedwongen verliet. Dat gebeurde enkele uren nadat hij leiding had gegeven aan een straatprotest, waarbij hij had opgeroepen tot het aftreden van Mahathir en door de politie werd gearresteerd.

Het Maleisië van toen werd geplaagd door corruptie en vriendjespolitiek en de almachtige invloed van de opperste leider Mahathir. Over de glans van `het economisch mirakel Maleisië' was grote dofheid geraakt door toedoen van de Aziatische economische crisis waarbij het land veel van zijn hard bevochten rijkdom in rook zag opgaan.

Die crisis was ook het onderwerp van verhitte discussie die uiteindelijk de ondergang van Anwar inleidde. Mahathirs protégé was het ogenschijnlijk altijd eens geweest met het beleid van zijn leermeester, maar op het hoogtepunt van de crisis ging het mis. Mahathir duldde geen enkele vorm van buitenlandse financiële hulp, terwijl Anwar juist gebruik wilde maken van de fondsen van het Internationaal Monetair Fonds (IMF). De beslissing van Mahathir werd toen onverstandig gevonden, maar is achteraf bekeken bijzonder succesvol gebleken. Mahathir maakte zich bovendien in toenemende mate zorgen over de populariteit van Anwar, die zich tot zijn grote teleurstelling veel minder liet plooien naar zijn eigen maatstaf.

De openlijke breuk kwam eind 1997 toen Mahathir in afwezigheid van Anwar verscheidene van zijn politiek economische beslissingen ongedaan maakte. Zijn ontslag op 2 september 1998 maakte de breuk compleet.

De arrestatie en het proces tegen Anwar dat vlak daarop volgde deed de reputatie van de toch al omstreden Mahathir geen goed. Zelfs de meest objectieve waarnemers waren het erover eens dat Anwar er, zoals hij zelf heeft gezegd was ,,ingeluisd''. De aanklachten, eerst wegens corruptie, later wegens sodomie, waren volkomen uit de lucht gegrepen. En de processen, 75 zittingen voordat hij tot een gevangenisstraf van zes jaar werd veroordeeld, waren één grote farce. Dat hij een jaar later, in 2000 ook nog eens tot een extra straf van negen jaar werd veroordeeld wegens sodomie droeg bepaald niet bij tot het internationaal respect voor Maleisië. De Verenigde Staten hebben Anwar alijd aangeduid als een politieke gevangene (zonder daar overigens politieke consequenties aan te verlenen).

Anwar verscheen op de eerste zitting met een blauw oog, het resultaat van een pak rammel door de Maleisische politiechef Abdul Rahim Noor, die zijn geduld had verloren. Bewijzen, zoals `de matras' met negentien spermavlekken van Anwars vermeende homoseksuele partners, raakte zoek. Het gebouw waar de sodomie zogenaamd had plaatsgehad was op het moment van `het misdrijf' nog niet gebouwd.

De wereld, en in terughoudende mate Maleisië begon langzamerhand genoeg te krijgen van de excessieve fratsen van de langstzittende leider van Azië. Een opleving gold de steun van Mahathir aan Washington in de strijd tegen de terreur. Maar zijn vertrek, na 22 jaar autocratisch leiderschap, kwam eind vorig jaar geen moment te vroeg.

Sindsdien waait er een nieuwe wind in Maleisië, zij het van een nog bescheiden kracht. Maar Mahathirs troonopvolger, Abdullah Badawi, lijkt van goede wil. Zo werd zijn aanstelling in maart massaal bekrachtigd hoewel hij campagne had gevoerd met een agenda waar woorden als `tolerantie' en `corruptiebestrijding' bovenaan stonden. Dat verklaart mogelijk ook de vrijlating van Anwar: Maleisië is met het vertrek van Mahathir gematigder aan het worden. De bevolking, die zich gesterkt voelt door een aantrekkende economie, is minder opstandig. En in dat Maleisië vormt Anwar niet langer een gevaar en is hij een vrij man.

    • Floris-Jan van Luyn