Angst, boosheid en de rechtsstaat

Twee boze mannen vielen gisteren John Kerry aan. Dag vier van een journalistiek logboek over de Republikeinse Conventie.

Angst is het echte thema van de Republikeinse Conventie en van de Amerikaanse verkiezingen, schreef de meestal vrij afgewogen politieke chroniqueur van The Wall Street Journal gisteren. De bezwering van `911' is nog lang niet af. Vandaar de nadruk op de leiderschapskwaliteiten van George W. Bush.

Maar gisteravond werd de lievelingskrant van de Republikeinen al ingehaald door de werkelijkheid in de conventiehal. Na een paar uur gedruis, muziekjes en optredens van tweede elftalspelers, stonden twee oudere mannen voor de uitgelaten zaal. Zij smeedden de nationale angst om tot boosheid die zich voornamelijk richtte op de Democratische presidentskandidaat John Kerry, en amper op de vijanden overzee.

De eerste van de twee is formeel nog steeds Democraat, de aftredende senator Zell Miller uit Georgia. Hij zette de toenemende eenzaamheid binnen zijn eigen partij luid van zich af, prees veelvuldig George W. Bush en bewaarde zijn giftigste pijlen voor John Kerry. Volgens Amerikaanse commentatoren klonk het vooral bitter.

En toen kwam de vice-president, Dick Cheney, de elder statesman die volgens de peilingen een molensteen om de nek van de president is geworden. Hij straalt altijd ernst en ervaring uit. Zijn boosheid jegens de Democratisch kandidaat was van het hoofdschuddende soort: ,,Senator Kerry is het met veel partijgenoten oneens over Irak, maar hij heeft de meeste onenigheid met zichzelf.''

Beide boze mannen kregen de lachers op hun hand met verwijzingen naar de Verenigde Naties. De naam van de volkerenorganisatie is zonder uitleg goed voor boegeroep. ,,Kerry zou Parijs laten beslissen wanneer Amerika moet worden verdedigd'', beet Miller zijn partijgenoot toe. Twaalf jaar geleden zei de zelfde Miller dat hij Democraat was (en Clinton steunde) ,,omdat wij de partij van de hoop zijn''.

Op straat trachtte de politie een optocht van vijf kilometer in toom te houden. De demonstranten waren voor het merendeel vakbondsleden die protesteerden tegen de economische politiek van de regering-Bush. Een dag eerder arresteerde de politie een man of duizend, die dreigden de conventiehal binnen te lopen. Gisteren werd een tiental aangehouden.

De sfeer in de stad blijft onwerkelijk. Tientallen blokken rondom Madison Square Garden zijn afgezet met zware wegversperringen. Helikopters brommen boven Manhattan. Bij tientallen hotels vragen geheim agenten zonder enige vorm van uniform of identificatie wie je bent en wat je zoekt. De tijdelijk uitgeweken New Yorkers hopen dat de sporen van deze kille droom volgende week zijn gewist.

De grotere zorg is die over de gevolgen van de staat van oorlog voor de rechtsstaat. Daarover piekerden althans vooraanstaande leden van de American Conservative Union (ACU) en het Arab American Institute, die bij een net advocatenkantoor op Madison Avenue gastvrijheid kregen om in de marge van de conventie de Patriot Act kritisch te bespreken.

Een (Republikeinse) Amerikaan van Arabische afkomst, gedelegeerde uit Florida, vertelde dat hij en veel van zijn kiezers geen leven hebben sinds de aanslagen van 11 september 2001. ,,Sommigen durven niet meer te winkelen, anderen kunnen geen verzekering krijgen of worden uitgescholden.'' Maar het ergste is dat de kort na `911' aangenomen wet aanhouding zonder verdenking mogelijk maakt.

Bob Barr, voorman van de ACU en Republikeins oud-lid van het Huis van Afgevaardigden, leidde de aanval. Volgens hem zijn de burgerrechten sinds 911 ernstig aangetast. In zijn ogen is in navolging van Ayn Rand het recht op de private levenssfeer en privaat eigendom het hart van de beschaving. Maar ,,sinds de Patriot Act kan de regering informatie over een persoon verzamelen zonder enige aanwijzing dat die persoon iets strafbaars heeft gedaan''.

De wet werd verdedigd door David Anhauser, tot voor kort als jurist verantwoordelijk voor terrorismebestrijding op het Amerikaanse ministerie van Financiën. De Patriot Act was voor hem een onmisbaar wapen om de nationale veiligheid te verdedigen. Als ambtenaren of politici misbruik maken van hun bevoegdheden, ,,moet je ze bij de volgende verkiezingen straffen''.

Voor- en tegenstanders van de wet werden het niet eens. De meest conservatieve vleugel van de Republikeinen strijdt broederlijk tegen de vergrote macht van de justitie om de burger overal, ook anoniem te volgen, mét de voor links gehouden American Civil Liberties Union (ACLU). Een dergelijke verrassende coalitie was niet merkbaar bij een ander debat dat gisteren plaatsvond tegen de conventie aan.

Nu al maken Republikeinen en Democraten zich op voor een harde strijd over benoemingen in het Hooggerechtshof en andere belangrijke rechtbanken. Als Bush wint kan hij erop rekenen drie of vier nieuwe leden van het hoogste rechtscollege te mogen benoemen. Zijn aanhangers verwijten de Democraten dat zij een aantal voordrachten van de president hebben geblokkeerd met een filibuster (het blijven praten in het Congres om een onwelgevallige beslissing te vermijden).

De andere kant, vertegenwoordigd door de voorzitster van de pro-abortuslobby (Naral Pro Choice), verwijt de Bush-mensen dat zij extreem ideologische rechters voordragen, mensen die hun hele leven al tegen abortus hebben geageerd. Hier was geen kans op overeenstemming. Maar er was debat, er werden argumenten gewisseld. Dat is binnen de conventie uitgesloten. Voor de derde keer werd gisteravond een dissidente stem met harde hand afgevoerd uit de zaal.

    • Marc Chavannes