`Niet Scholten, maar staat schuldig'

De overheid is schuldig aan het miljoenenschandaal in de Rotterdamse haven, vindt zakenman Joep van den Nieuwenhuyzen.

Hij zag er nog redelijk goed uit. Joep van den Nieuwenhuyzen was in allerijl uit de VS komen overvliegen, nadat maandag bekend werd dat de directeur van het Rotterdamse Havenbedrijf, Willem Scholten, hem de afgelopen twee jaar voor in totaal honderd miljoen euro aan bankgaranties had verstrekt en om die reden de laan was uitgestuurd. Nu, in de chique stadhouderszaal van het Amstelhotel in Amsterdam, staande voor een staatsieportret van koningin Beatrix en wijlen prins Claus, deed de opnieuw in opspraak geraakte zakenman zíjn verhaal. Met de hem kenmerkende Schwung.

Van den Nieuwenhuyzen zei ,,opgelucht'' te zijn ,,nu eindelijk uit de schaduw te kunnen treden'' na alle ,,negatieve publicaties'' van de afgelopen maanden over faillissementen binnen zijn RDM-groep. Wat volgde was een tirade tegen de overheid en vooral het ministerie van Defensie, dat volgens Van den Nieuwenhuyzen ,,klaarblijkelijk de rol had toebedeeld gekregen RDM te elimineren.'' Het resultaat volgens Van den Nieuwenhuyzen: RDM failliet, onbetaalde rekeningen, verlies aan hoogwaardige werkgelegenheid, en technische knowhow voor Nederland. ,,Voorwaar een prestatie van de Nederlandse overheid om trots op te zijn.''

Maar waarom had havendirecteur Willem Scholten eigenlijk ingestemd met financiële garanties ter waarde van 100 miljoen voor het noodlijdende RDM? Dat zat volgend Van den Nieuwenhuyzen zo. RDM stond halverwege 2002 op het punt om een protocol te ondertekenen voor de vorming van een consortium voor de bouw van onderzeeboten. Deze onderzeeërs zouden vervolgens aan Taiwan kunnen worden geleverd, zoals de Amerikaanse president Bush in 2001 had aangekondigd. Dit was tegen het zere been van de Chinese regering en dus slecht voor de Nederlandse handelsbelangen in China. Vandaar dat – in de woorden van Van den Nieuwenhuyzen – de toenmalige minister van Buitenlandse Zaken Jozias van Aartsen hem ,,smeekte'' af te zien van de deal. Van den Nieuwenhuyzen stemde daarmee in, zo zei hij gisteren, in ruil voor vervangend werk voor RDM. De compensatie is er vervolgens niet gekomen, zei Van den Nieuwenhuyzen: niet door bemiddeling van het ministerie van Economische Zaken en niet door bemiddeling van werkgeversorganisaties VNO-NCW en FME. Alleen het Rotterdamse havenbedrijf, dat overigens bang was bij de Taiwanorder de grote Chinese containerrederijen voor de haven te verliezen, bleek bereid RDM de helpende hand te bieden. In ,,goed overleg'' werd besloten dat het havenbedrijf in totaal voor 100 miljoen euro garant zou staan voor leningen waarmee RDM ,,nieuwe activiteiten'' zou kunnen ontplooien.

Dat liep goed, zei Van den Nieuwenhuyzen gisteren, tótdat het ministerie van Defensie problemen begon te maken. RDM verloor werk en geld, en daardoor zakte de ,,dekkingsgraad'' van de door het havenbedrijf verstrekte garanties. Dit voorjaar gingen RDM-Submarines en RDM-Technology in Rotterdam failliet. De banken riepen de bankgaranties in.

Is daarmee het havenbedrijf de verliezer? Geenzins, zei Van den Nieuwenhuyzen. Als compensatie voor de gedaalde `dekkingsgraad' had hij havendirecteur Willem Scholten ,,extra zekerheden'' aangeboden: het stoomschip `Rotterdam', de failliete boedel van RDM-Technology en een kapitaal kantoorpand in Frankfurt. Deze kunnen de schade dekken, denkt hij.

    • Steven Derix
    • Marc Serné