Medische research bij wereldtop

Het onderzoek van de Nederlandse universitaire medische centra (UMC's) zit internationaal bij de top. Buitenlandse collega-onderzoekers verwijzen, vergeleken met het wereldgemiddelde, ruim 30 procent vaker in hun artikelen naar Nederlandse onderzoeksresultaten. Dat betekent dat de Nederlandse publicaties spraakmakend en vernieuwend zijn.

Van de acht UMC's scoren die van Utrecht, Rotterdam, Leiden en de beide Amsterdamse universiteiten relatief hoog. Groningen, Nijmegen en Maastricht zitten aan de lage kant, maar nog boven het wereldgemiddelde. Onderzoeken die het resultaat zijn van internationale samenwerking scoren duidelijk hoger dan puur Nederlandse onderzoeksprojecten. En het Nederlandse medische onderzoek blijkt vooral gewaardeerd als er patiënten bij betrokken zijn. Puur laboratoriumwerk scoort iets minder goed.

De hoge positie van de Nederlandse UMC's in de wetenschappelijke wereld rolt uit een analyse van het Centrum voor Wetenschaps- en Technologiestudies van de Universiteit Leiden. Het CWT analyseerde de ruim 32.000 wetenschappelijke verslagen die de acht UMC's in de vijf jaar van 1998 tot 2003 in de internationale wetenschappelijke tijdschriften publiceerden. In de databases van de wetenschappelijke literatuur is na te gaan hoe vaak onderzoekers aan een eerdere publicatie refereren. Ook is gemeten wat de status is van de tijdschriften waarin Nederlandse artikelen verschijnen. UMC-onderzoekers publiceren relatief veel in de beroemde medisch-wetenschappelijke tijdschriften, zoals The New England Journal of Medicine, The Lancet, Nature, Science en Cell. Gemeten naar de impact van een tijdschrift scoort Nederland bijna 20 procent boven het wereldgemiddelde. Die gegevens zijn bepalend voor de wetenschappelijke waarde van een publicatie.

De resultaten zijn vandaag bekendgemaakt ter gelegenheid van de oprichting van de federatie van universitaire medische centra, NFU. Die centra zijn ontstaan door fusies van academische ziekenhuizen en medische faculteiten.