Hoge nood Alitalia

De Italiaanse luchtvaartmaatschappij Alitalia, die voor 62 procent in handen is van de Italiaanse overheid, staat aan de rand van de afgrond. Er is nog net genoeg geld in kas – een potje van 72 miljoen euro per eind juli – om het tot het eind van september uit te kunnen zingen. En voor geheel dit jaar rekent Alitalia op een verlies van een half miljard euro, zoals het concern ook in 2003 al een verlies maakte van 519 miljoen euro.

Weliswaar heeft de Italiaanse regering de luchtvaartmaatschappij een noodkrediet van 400 miljoen euro in het vooruitzicht gesteld, maar daar kan het concern alleen maar een beroep op doen als de vakbonden instemmen met een saneringsplan. Tot nu toe weigeren de bonden echter ieder voorstel te aanvaarden dat op gedwongen ontslagen neerkomt.

Waarom lijken de vakbonden hun eigen graf te graven? De regering dreigt Alitalia immers failliet te laten gaan als de bonden niet overstag gaan. Eén verklaring luidt dat de vakbonden willen zien hoe ver de regering durft te gaan. In het verleden kwam de regering steevast met een dubbelzinnige boodschap. Telkens als de bestuurders van Alitalia zich hadden voorgenomen om eindelijk de problemen met de vakbonden aan te pakken, werden zij niet door de regering gesteund, maar de laan uitgestuurd. Zo zijn er het afgelopen jaar twee topmannen versleten.

De kansen op een volledig bankroet lijken inderdaad niet al te groot. Zelfs als de regering besluit tot een Parmalat-achtige constructie onder een speciaal bestuur met buitengewone bevoegdheden, zal het concern nog lang niet dood zijn. Onder de Italiaanse faillissementswet kunnen grote bedrijven die zich tegen hun schuldeisers willen beschermen de regering verzoeken zo'n bestuur aan te stellen, dat de taak krijgt het bedrijf weer op de rails te krijgen. Over een eventueel verlies aan werkgelegenheid zal dan uiteindelijk door de regering moeten worden beslist.

De vakbonden gaan er nog steeds vanuit dat de regering het niet aandurft grote aantallen mensen te ontslaan. In geval van een faillissement zal het probleem onder het tapijt worden geveegd door werknemers door te sluizen naar andere bedrijven waarin de staat een meerderheidsbelang heeft. Als de regering wil voorkomen dat het zover komt, moet zij de vakbonden ervan zien te overtuigen dat zij niet zal aarzelen hard in te grijpen.

Onder redactie van Hugo Dixon. Voor meer commentaar: zie www.breakingviews.com. Vertaling Menno Grootveld.