Binnenlandse aangelegenheden

Wat zou er gebeuren als in Irak door een of andere fundamentalistische moslimorganisatie een paar Nederlanders werden gegijzeld, waarbij werd meegedeeld dat ze zouden worden onthoofd, tenzij de Nederlandse troepen werden teruggetrokken? De regering zou weigeren, vanzelfsprekend. Wel alle politieke en diplomatieke moeite doen om de moord te voorkomen, de minister van Buitenlandse Zaken naar de regio sturen maar niet onderhandelen. Terwijl ik van mening ben, dat onze soldaten in de omstandigheden waaronder ze daar nu zijn, moeten worden teruggehaald, zou ik het met de weigering gloeiend eens zijn.

Het is wel gemakkelijk, zo'n dan liever de lucht in! op kosten van andermans leven te adviseren. Maar zo gaat het dan. Onder zulke chantage kan het niet tot een `gesprek' met vijand komen. Mijn vraag is, wat in dit geval de Nederlandse moslimorganisaties zouden doen.

Nu heeft een organisatie die zich het Islamitische Leger in Irak noemt, met de gijzeling van de journalisten Christian Chernot en Georges Malbrunet de Fransen voor een dergelijke keuze gesteld. In Frankrijk is dit voorjaar een wet aangenomen die het dragen van hoofddoekjes op school verbiedt. Frankrijk is een wereldlijke staat waar het vertoon van godsdienstige symboliek in de openbare gebouwen niet kan worden toegestaan, luidt de redenering. Daarover is een heftige en ingewikkelde discussie ontstaan. Fundamentalisten en moslimhaters, gematigden van alle nuancen hebben hun repertoire afgewerkt en zijn opnieuw begonnen. Met het van kracht worden van de wet is het vraagstuk niet opgelost.

De organisatie die de twee journalisten heeft gegijzeld, eist dat de wet onmiddellijk wordt ingetrokken, of anders worden ze vermoord. Het eerste gevolg is dat het debat in Frankrijk is gestaakt. Ook alle Franse moslimorganisaties veroordelen de gijzeling en eisen vrijlating, nu. Men gaat de straat op. In deze krant van gisteren staat een foto van een betoging. Zwaargesluierde vrouwen, oudere Franse mannen, een jonge Française met een ultramodern petje op, blank en zwart, en op de achtergrond de Eiffeltoren – het lijkt een voorbeeldige multiculti demonstratie. Is dat de Franse werkelijkheid achter de Franse ruzies?

Misschien een deel ervan. De Fransen in het algemeen zullen zich door deze gijzeling miskend en gekrenkt voelen. Consequent hebben ze zich tegen de oorlog in Irak verzet. Hun president heeft zich in het Westen ontwikkeld tot de grootste tegenstander van de Amerikaanse. In zijn buitenlandse politiek volgt Frankrijk een principieel afwijkende koers. En nu deze gijzeling! Dat hadden ze niet verdiend. In deze reactie kan een grote Franse meerderheid, daarbij inbegerpen die van de moslims, zich verenigen.

De tegenhanger van de verontwaardiging door miskenning is het leedvermaak. U hebt misschien gedacht dat u, door niet mee te doen aan de oorlog in Irak, aan het terrorisme zou kunnen ontsnappen. Dan hebt u zich lelijk vergist. Nu ervaart u zelf dat de terreur nergens halt houdt. ,,Vandaag heeft de chantage van de extremisten ook u bereikt. Er is geen neutraliteit mogelijk'', aldus ongeveer Iyad Allawi, de premier van Irak.

De verwarring in het Westen wordt groter. De hoofddoekjes op school mogen een groot vraagstuk zijn, verband houden met de positie van de vrouw binnen de islam die wezenlijk anders is, en strijdig met het principe van wereldlijke gelijkheid dat wij huldigen. En daarom kan van iedere rechtsstaat zoals wij die proberen te handhaven, worden geëist dat de staat alles doet om de gelijkheid te bevorderen. Als bewezen is dat het hoofddoekje afbreuk doet aan de gelijkheid, dan mag het op school niet worden gedragen. Maar zo ver zijn we in Nederland niet. Als één Kamerlid over `de hoofddoekjes' laat weten die wel `rauw te lusten', dan is dat nog geen reden om de openbare scholen aan een culturele revolutie te onderwerpen. Er zijn andere middelen om de gelijkheid van meisjes en jongens beter te bevorderen. Voetballen met een hoofddoekje op, zou dat mogen?

Verwarrender wordt het nog door het dragen van het hoofddoekje tot onderwerp van buitenlandse politiek te bevorderen. Dat heeft dit Islamitische Leger in Irak dus geprobeerd. De Franse burgerij, van welk geloof dan ook, of niets gelovend, heeft deze poging duidelijk afgewezen, daarin gesteund door een aantal landen, ook in het Midden-Oosten. De Fransen dulden geen inmenging in hun binnenlandse aangelegenheden. Gebeurt dat, dan schorten ze hun intern debat op.

Ik veronderstel dat het onder vergelijkbare omstandigheden in Nederland op dezelfde manier zou gaan. Uit de reactie op pogingen van `het buitenland', welk dan ook om zich in binnenlandse zaken te mengen, blijkt de mate waarin iemand zich Nederlander voelt.

Dat heeft niets te maken met de mening van de burger over de buitenlandse politiek. Terrorisme blijft in deze tijd de grote, ongrijpbare vijand van de westerse samenleving die wij nog altijd met recht beschouwen als de redelijkste en verdraagzaamste ter wereld. De aanvaller kan zich overal schuilhouden. Maar als we in onze verdediging tegen het terrorisme onze beste kwaliteiten gaan aantasten, doen we afbreuk aan ons recht van spreken. Over de hoofddoekjes heb ik nog nooit grondig nagedacht, maar in hun buitenlandse politiek zijn de Fransen niet op de verkeerde weg, zoals bewezen wordt door hun eendrachtige reactie op de gijzeling van de journalisten.