`Bedrijfsschap niet erg duur'

De zeventien product- en bedrijfsschappen hebben een ,,gering aandeel'' in de administratieve kosten voor het bedrijfsleven. Gezamenlijk kosten ze 23 miljoen euro, terwijl de totale administratieve lasten van de rijksoverheid 16,4 miljard euro bedragen. Het gaat hierbij om alle kosten die regelgeving van de overheid met zich meebrengt. Heffingen en belastingen vallen hier niet onder.

De kostentaxatie komt van de Sociaal-Economische Raad (SER), na onderzoek in opdracht van minister De Geus (Sociale Zaken).

De schappen gaan niettemin onderzoeken hoe ze hun lasten verder omlaag kunnen brengen. Onder deze organisaties vallen circa 450.000 overwegend middelgrote en kleine bedrijven. Ze leggen heffingen op voor reclame en onderzoek, controleren de naleving van verordeningen en zijn belangenorganisatie voor de verschillende branches.

De hoogste lasten komen voor rekening van het Productschap Vee en Vlees (PVV), dat goed is voor 13,11 miljoen euro, of 57,7 procent van de totale lasten. Tweede is het Productschap Zuivel met 5,24 miljoen euro (23 procent).

Een woordvoerder van het PVV schrijft de relatief hoge kosten toe aan dierziektepreventie, die door de administratieve verplichtingen, dierenartsbezoeken en inspecties relatief duur is. Hij ontkent dat het schap ondernemers te hoge lasten oplegt. ,,Wij kunnen het ons niet veroorloven om het bedrijfsleven met onzinnige verordeningen lastig te vallen. Dat zou nooit geaccepteerd worden.''

In verschillende branches en politieke partijen bestaat weerstand tegen de productschappen, vooral om de heffingen en een verondersteld gebrek aan inspraak. VVD-Kamerlid C. Aptroot is zelfs voor opheffing van een deel van de schappen. ,,Hoe kun je zeggen dat het wel meevalt? Het gaat om 23 miljoen euro.'' Aptroot blijft bij zijn verzet tegen de schappen die hij ,,betuttelend'' vindt.