Wentz pleit voor de Engelse barok

Het Festival Oude Muziek werd zaterdagavond beheerst door twee conflictueuze ontmoetingen. In Purcells Cupid and Bacchus (ca. 1695) bekvechten de god van de liefde en die van de wijn over de vraag wiens roes het prettigst is, en Galliards eenakter Pan and Syrinx (1726) vertelt over de noodlottige poging van Pan om nimf Syrinx te schaken. Beide werken zijn relatief onbekend en worden zelden uitgevoerd. Deze uitvoering op initiatief van dirigent Jed Wentz moet dan ook als warm pleidooi voor herwaardering worden gezien.

Purcell staat bekend om zijn economische materiaalbehandeling: in zijn composities staat geen noot teveel en geen gebeurtenis of uitspraak is voor het drama overbodig. De discussie tussen Cupido en Bacchus wordt dus in slechts enkele opmerkingen over en weer voltooid. De verzoenende conclusie: drank én liefde verschaffen goddelijk plezier, en de combinatie van de twee is nog wel het beste.

Cupid and Bacchus is bedoeld als intermezzo om tussen de aktes van een zwaar toneelstuk het gemoed van het zeventiende-eeuwse publiek wat te verlichten. Hoewel het toneelstuk ontbrak, wisten de zangers precies de goede luchtig-theatrale sfeer neer te zetten. De discussie werd stiekem toch gewonnen door Cupido, want zijn laatste aria, hier schitterend vertolkt door sopraan Penni Clarke, maakt dit ultrakorte werk tot een waar juweeltje.

De bondigheid van Purcell ontbreekt helaas in het werk van Galliard. Zijn Pan and Syrinx is weliswaar een eenakter, maar bevat nog altijd tien scènes, die muzikaal en dramatisch lang niet alle even interessant bleken. Het werk moet het vooral hebben van de scène waarin Syrinx door de riviergod uit Pans handen wordt gered door haar te veranderen in een rietstengel.

De metamorfose wordt muzikaal onderstreept door een beweeglijke melodie uit het orkest die wordt overgenomen door drie blokfluiten, uiteraard verwijzend naar de fluit die Pan uit het riet zal snijden. Samen met de hierop volgende treurzang van Pan (`Surprising Change!') is dit het hoogtepunt van de opera, zaterdag zeker ook dankzij bas Marc Pantus, die Pan verder op zijn gluiperigst en zalvendst neerzette. Een kostelijke flirtpartij tussen een hitsige faun en een getravesteerde nimf zorgde tussendoor voor wat verluchtiging.

Wentz is oorspronkelijk traversospeler, maar ontpopt zich nu ook als verdienstelijk dirigent. Door zijn heldere interpretatie en enthousiast beweeglijke dirigeerstijl, met de rug en vanuit zijn hakken, hadden Purcell en Galliard zich geen beter pleitbezorger kunnen wensen.

Concert: Musica ad Rhenum o.l.v. Jed Wentz. Programma: Henry Purcell: Cupid and Bacchus; John Galliard: Pan and Syrinx. Gehoord: 28/8 Vredenburg, Utrecht.