Slaapkop

Als mijn Aziatische collega's model staan voor wat ons over vier jaar bij de Olympische Spelen in Peking te wachten staat, wordt er veel geslapen. Vooral Chinezen en Japanners zijn slaapkoppen; even een moment van inactiviteit en ze leggen het moede hoofd te ruste. In de bus, in het perscentrum, op de perstribune, overal kun je ronkende Aziaten tegenkomen. Dat is vrijdagavond ook het geval in de grote perszaal van het olympisch stadion. Een Chinese collega tegenover mij heeft even niets te doen en ligt voorover met z'n hoofd op de handen.

Op een goed moment wordt onze vriend wakker, blikt enigszins verdwaasd om zich heen, wrijft in zijn ogen en werpt een blik op de televisie. Hij mist net de finish van de 10.000 meter vrouwen, maar ziet in een shot daarna een Chinese met een lachend gezicht op de baan lopen. ,,Did she win?'', vraagt hij verschrikt. Op mijn bevestigend antwoord raakt de brave borst onmiddellijk in verwarring, begint zenuwachtig te telefoneren, schreeuwt zijn toehoorder aan de andere kant van de lijn toe en holt vervolgens naar de mixed zone. Hij is opeens helemaal wakker, komt een half uur later terug en gaat aan het werk. Zo komt het allemaal toch goed. Of niet? Want kort voor de 10.000 meter had de Chinees Xiang Liu als eerste mannelijke atleet de 110 meter horden gewonnen met een evenaring van het wereldrecord. En of mijn collega daar getuige van is geweest? Ik weet wel zeker van niet. Bij ons afscheid schud ik hem lachend de hand. ,,Tot ziens in Peking, waar ik hoop op wakkere Spelen.''