Kamer keert met woud van draaideuren de dreiging in de wereld maar `los' publiek mag méér

Menig gebruiker van de Tweede Kamer wachtte de laatste dagen een verrassing, bij terugkeer naar het Binnenhof waar deze week de vergaderingen weer beginnen. Het Kamergebouw blijkt in het zomerreces namelijk – voor veel Kamerleden onverwacht – omgetoverd in een waar woud van circlelocks en tourlocks. Draaideuren dus.

Alle kleine vergaderzalen van de Kamer hebben voortaan aparte draaideuren. Tussen het nieuwscentrum Nieuwspoort en de Kamer: draaideuren. Tussen de afgesloten toren waar media hun werkruimte hebben en de Kamer: draaideuren. Tussen de fietsenstalling voor Kamerleden en andere Binnenhofbewoners en de Kamer: tourniquets. En vorig jaar waren er ook al draaideuren gebouwd in de zomer: bij de voornaamste doorgangen tussen de publieke en besloten gedeelten.

Het zijn er nu zoveel, dat vorige week de eerste geluiden van protest klonken. Kamerlid Duivesteijn (PvdA) keerde zich in dagblad Trouw tegen de verandering van de Kamer in een vesting. Deze wordt steeds minder publieksvriendelijk, meent hij. Kamerlid Hofstra (VVD) sputtert eveneens. Hij vreest dat de Kamer een soort hindernisbaan voor parlementariërs wordt. De draaideuren, die één persoon tegelijk doorlaten, zijn nogal tijdrovend. Iedere passant moet eerst zijn Kamerpasje aanbieden, dan erin, vaststaan in de sluis, en mag dan door. ,,Vijf minuten extra vóór de vergadering en vijf erna,'' vreest Hofstra.

Maar er is meer. Hofstra, ook voorzitter van de `bouwbegeleidingscommissie' van de Kamer, had wel tevoren willen weten dat er zoveel draaideuren zouden komen. Volgens Hofstra heeft het presidium van de Kamer, het dagelijks bestuur onder leiding van Kamervoorzitter Weisglas, zijn commissie niet geïnformeerd over de omvang van de veiligheidsoperatie. Noodzakelijk is dat volgens Hofstra weliswaar niet, maar toch is hij daarover ,,verbaasd'', evenals over de hoge kosten: 17 miljoen euro. ,,En we moeten maar zien of het functioneert''.

Eigenlijk vindt hij het een interne kwestie, ,,niet interessant voor de buitenwereld.'' Maar dat de Kamerleden niet zijn geïnformeerd, bestrijdt Weisglas. Hij wappert met een brief van 23 november aan het presidium van directeur bedrijfsvoering Henk Bakker. Daarin staan alle maatregelen keurig uitgewerkt. Alle Kamerleden konden het dus via het presidium weten, meent Weisglas. En de commissie van Hofstra is door diezelfde directeur ook geïnformeerd. De kosten staan niet in de brief, maar die gaan ook niet ten koste van de begroting van de Kamer. De Rijksgebouwendienst betaalt. Bovendien heeft Weisglas zelf al twee jaar geleden in de Kamer aangekondigd alles te doen wat beveiligingsexpert nodig achten. Dat was op de dag dat hij ,,vreselijk schrok'', omdat een activist van Greenpeace er in slaagde door te dringen tot het spreekgestoelte van de Kamer.

De maatregelen zijn volgens Weisglas niet de reactie op dat ene incident. De ,,dreiging in de wereld'' is nu eenmaal sinds 11 september 2001 gegroeid. Niet alleen de Kamer, maar ook ministeries hebben sinds 2001 nieuwe barrières opgeworpen. Het ministerie van Algemene Zaken, ook aan het Binnenhof, is grondig aangepast.

Volgens directeur Bakker van de Tweede Kamer woedt zelfs een ,,bijna constant gevecht met het ministerie van Algemene Zaken over de zo groot mogelijke publieke bereikbaarheid van toegankelijkheid van het Binnenhof'', staat in zijn brief. ,,Spanning tussen publieke toegankelijkheid en beveiliging is er natuurlijk altijd'', reageert directeur Henk Brons van de Rijksvoorlichtingsdienst. ,,Ik weet niet of die nu is weggenomen.''

Zoals ,,vroeger bij ons, met alleen bodes en beveiliging'', is het nergens meer, meent Weisglas. Hij kent ,,geen parlement in de Europa'' dat ,,niet dingen doet zoals wij.'' Fouilleren, draaideuren, bezoekers door de scanner (gebeurt ook in de Kamer), dat zie je van Polen en Letland tot Frankrijk.

Maar, zoals overal in de politiek: het gaat natuurlijk om de maatvoering. De nog maar enkele jaren geleden opgeleverde glazen (transparantie!) vergadertempel van het Europees Parlement in Straatsburg kent tourniquettes, een enkele draaideur en verder vooral bodes die de zones tussen de gebieden voor bezoekers en die alleen voor leden nauwlettend in de gaten houden door een blik te werpen op de badges van de passanten. Die fysieke controle is op zich weer niet zo vreemd, want is de maandelijkse vergaderweek in de Elzas van het Europees Parlement dat zich de rest van het jaar in Brussel ophoudt, niet één groot werkgelegenheidsproject voor de stad Straatsburg?

In Brussel is het vooral een strenge ingangscontrole, met pasjes en scanners waana de bezoekers vervolgens in het labyrint kunnen verdwalen, ook een middel tot afschrikking. Van indringers heeft het Parlement in Brussel de laatste tijd weinig last gehad. Het gevaar van buiten diende zich daar aan via de postkamer waar begin dit jaar diverse bombrieven gericht aan europarlementariers werden bezorgd.

Andere parlementen, zoals het Britse Lagerhuis en het Israëlische parlement, hebben een glazen wand gebouwd tussen publiek en Kamerleden. Dat gaat Weisglas te ver. ,,Zeer onsympathiek, ik zou het heel erg vinden als dat nodig zou zijn.'' Weisglas bestrijdt de kritiek dat de Tweede Kamer door de aanpassingen nu minder publieksvriendelijk is geworden. Hij wijst op de locatie van de draaideuren. In de vele kleine vergaderzalen waar Kamercommissies overleg voeren zijn de draaideuren aangebracht aan de kant waar de Kamerleden binnenkomen – alsof het gevaar van hen komt, niet uit het publiek. De 'losse' bezoeker kan na het detectiepoortje bij de algemene ingang vrij naar alle zalen, ook de plenaire zaal.

De filosofie daarachter, zo blijkt, is die van het `dichten van de lekken'. De beveiligingsexperts hebben gekeken waar `meelopers' door gewone deuren ongeoorloofd mee konden naar het afgeschermde gedeelte waar Kamerleden werken. Via de kleine vergaderzalen dus, via de fietsenstalling, etc. Maar in de zaaltjes zelf blijft direct contact mogelijk. De Tweede Kamer kan nog een opvolger krijgen van het oorlogsslachtoffer dat ooit in de oude zaal van de Kamer een kunstbeen naar beneden gooide.

Een zekere openheid blijft dus bestaan. Uiteindelijk, als ,,alle lekken gedicht zijn'' komt volgens Weisglas nog de oude wens van architect Pi de Bruijn in zicht, om de grote hal achter de publieksingang, de Statenpassage, geheel vrij toegankelijk te maken. ,,Ik zal het niet direct voorstellen, maar het komt wel dichterbij'', meent Weisglas. Dat was volgens Weisglas ook belangrijk om De Bruijn te bewegen tot medewerking aan de draaideur-golf.

De Tweede Kamer debatteert deze week met de regering over het rapport van de parlementaire onderzoekscommissie Blok over het integratiebeleid. Verder bespreekt zij de fusie tussen de Nederlandse Bank en Pensioen- en Verzekeringskamer en de wet toelating zorginstellingen.