Een winnaar die verloor

Driehonderdeen winnaars en duizenden verliezers. De winst- en verliesrekening van de Olympische Spelen.

Imponerend waren de triomfen, nog grootser de dramatiek. Natuurlijk, de 19-jarige Amerikaanse zwemmer Michael Phelps was de grootste winnaar van de 25ste Olympische Spelen. Wie in één week zes gouden medailles weet te veroveren, heeft zijn eigen legende geschreven.

Maar hoelang zullen we dat onthouden? Zal niet veel meer het beeld beklijven van de Braziliaanse marathonloper Vanderlei de Lima, die, terwijl hij op kop lag, voor het oog van de tv-camera van de weg werd geduwd door een losgebroken toeschouwer en uiteindelijk `slechts' derde werd?

Dan was hij niet eens de grootste pechvogel. De meest tragische verliezer van de Spelen in Athene was iemand die eigenlijk winnaar was. De 24-jarige Zuid-Koreaanse turner Yang Tae Young is van het goud bestolen door een onoplettende jury en door de starheid van de regels. Hij was de beste van de meerkamp maar kreeg voor zijn oefening op de brug een te lage waarde toegekend. De fout werd pas erkend toen het al te laat was – de medaille was al aan een ander uitgedeeld, de Amerikaan Paul Hamm die niet van plan is zijn plak terug te geven.

Als Yang van woede de ringen uit het plafond had getrokken of van de brug een loopgraaf had gemaakt – het zou een menselijke reactie zijn geweest. Maar indrukwekkender dan de Nederlandse hockeyvrouwen had hij in zijn gramstorigheid nooit kunnen worden. De onverbiddelijkheid waarmee zij zichzelf compromisloos de schuld gaven van de verloren finale tegen Duitsland, was onvergetelijk. Zij wonnen zilver en zelden was de glans van die medaille voor de sporters zelf doffer.

Het waren de Spelen van de toppers die vielen, soms letterlijk, soms figuurlijk. Zoals de Amerikaanse hordenloper Allen Johnson, de Tsjechische speerwerper en drievoudig olympisch kampioen Jan Zelezny en de Britse atlete Paula Redcliffe wier lange lijf niet bestand was tegen de hitte die heerste op de route tussen Marathon en Athene.

Bij de Spelen in Athene wonnen 301 individuele sporters en teams een onderdeel, op een totaal van ongeveer 10.500 deelnemers. Verliezen was het lot dat duizenden atleten onvermijdelijk wachtte. Zij mogen zich troosten met de gedachte dat de winnaars slechts konden gloriëren bij de gratie van hun nederlaag.