Atlete Holmes Britse heldin na dubbelslag

De Britse atlete Kelly Holmes is na haar overwinning op de 800 meter ook olympisch kampioene geworden op de 1.500 meter. Door de pers in haar land wordt ze al `de grootste Britse atlete ooit' genoemd.

Holmes is een bijzonder mens. In die zin wekte het geen verbazing dat zij in Athene op 34-jarige leeftijd olympisch kampioen werd op zowel de 800 als 1.500 meter, twee afstanden die het uiterste vergen van lichaam en geest. Haar prestatie wekt wel verwondering gezien de prestatiecurve in haar loopbaan. Want Holmes was nooit een winnares.

Bij Holmes verloopt haar loopbaan omgekeerd evenredig aan de logica. Waar de gemiddelde atlete boven haar dertigste aan kracht moet inleveren en met steeds minder illusies de baan opstapt, weet de Britse er nog een schepje bovenop te doen. Holmes' week van de wonderen is toe te schrijven aan haar in de loop der jaren opgedane wedstrijdhardheid in combinatie met haar ambities en haar sterke karakter.

Holmes is het prototype van een agressieve loopster, die zich nooit heeft willen neerleggen bij een rol in de schaduw en altijd is blijven vechten voor een beter resultaat. Dit olympisch jaar had de Britse oud-sergeant uit het leger zich voorgenomen nog een keer alles te geven. Holmes pijnigde haar pezige lichaam in de trainingen als nooit tevoren en bereidde zich mentaal voor op de grootste beproeving uit haar loopbaan.

Het werk in de aanloop naar `Athene' werd bekroond dankzij Holmes' slimheid en routine. Haar race op zowel de 800 als de 1.500 meter was een masterclass van tactisch lopen. Holmes sloeg op beide afstanden vanuit de luwte van de achterhoede toe; tegen haar machtige sprints bleek niemand opgewassen, zelfs niet de olympisch kampioen en haar boezemvriendin Maria Mutola op de 800 meter.

En gisteren op de 1.500 meter stoof ze op de laatste meters de Russin Tatjana Tomasjova (tweede) en de Roemeense Maria Cioncin (derde) voorbij. Daarmee veroverde ze een bijzondere plaats in de atletiekgeschiedenis, want alleen haar landgenoot Albert Hill was haar met de bijzondere dubbelslag voorgegaan bij de Olympische Spelen van 1920 in Antwerpen. Zelfs grote Britse midden-langeafstandslopers als Steve Ovett en Sebastian Coe slaagden er niet in olympisch kampioen te worden op de 800 en 1.500 meter. Om die reden wordt Holmes in de Britse pers afgeschilderd als de grootste Britse atlete ooit.

Zo fel als ze van zich afbijt op de baan, zo uitgesproken reageerde Holmes daags na haar laatste gouden race op de veronderstelling dat ze nu wel zal stoppen. ,,Geen sprake van'', zei de atlete. ,,Ik ben in de vorm van mijn leven en wil daar zo lang mogelijk van profiteren. Het succes van Athene ligt voor een belangrijk deel aan mijn gezondheid; voor het eerst was ik een jaar zonder blessures. En als dat zo blijft, heb ik nog veel te winnen. Ik zou wel gek zijn als ik nu zou stoppen.''

Wie wel voorzichtig aan stoppen denkt is de Marokkaan Hicham El Guerrouj, die zaterdag op de 5.000 meter zijn tweede gouden medaille won. Hij versloeg in een sprint de Ethiopiër Kenenise Bekele, die al goud had gewonnen op de 10.000 meter.

Na zijn felbegeerde gouden medaille op de 1.500 meter verklaarde de Marokkaan nog dat hij zeker zou deelnemen aan de wereldkampioenschappen van volgend jaar in Helsinki, maar zaterdag zwakte hij die bewering af. El Guerrouj wilde na de dubbel op de 1.500 en 5.000 meter, een prestatie die alleen het Finse loopwonder Paavo Nurmi in 1924 hem had voorgedaan, geen uitspraken meer doen over voortzetting van zijn loopbaan. De 35-jarige Noord-Afrikaan zei dat hij daar de komende weken eens diep over gaat nadenken.

De Tsjechische speerwerper Jan Zelezny heeft besloten niet langer uit te komen op grote toernooien. De drievoudig olympisch kampioen eindigde zaterdag in Athene met zijn worp van 80,59 meter op een teleurstellende negende plaats. ,,Ik neem misschien deel aan verscheidene demonstratiewedstrijden of kleinere evenementen maar de WK's of zelfs de Olympische Spelen, dat is niets voor mij'', aldus de sportman die donderdag werd gekozen in de atletencommissie van het Internationaal Olympisch Comité. Olympisch kampioen werd de Noor Andreas Thorkildsen, met 86,50 meter. Zilver was er voor de Let Vadims Vasilevskis (84,95 meter), brons voor de Rus Sergei Makarov (84,84 meter).