Theedrinken op de begraafplaats

Jasper Enklaar ziet langzaam aan steeds meer theehuizen en restaurants op begraafplaatsen verschijnen. Om te recreëren met respect.

Wie na een wandeling op een begraafplaats iets wil drinken, heeft weinig keuze. Er is water uit de kraan, eigenlijk bedoeld om de bloemen en de plantjes bij het graf water te geven. Wie een kop koffie wil of behoefte heeft aan een echte hartversterker, moet zijn heil elders zoeken. Vaak ver weg, omdat begraafplaatsen meestal nogal afgelegen zijn gesitueerd. Maar er is hoop. Nederland heeft drie – en binnenkort zelfs vier – begraafplaatsen met een restauratieve voorziening waar je terecht kunt voor meer dan een kop koffie met een plakje cake. Dordrecht heeft zelfs een restaurant op de begraafplaats.

Het lijkt een weinig voor de hand liggende combinatie, maar de formule is al jaren een succes. Begraafplaats Westerveld opende drie jaar geleden een `Petit Café' met volledige vergunning. Vorig jaar volgde de Groningse begraafplaats Selwerderhof met een theehuis en inmiddels heeft de Nieuwe Oosterbegraafplaats in Amsterdam vergevorderde plannen voor een eigen café, vernoemd naar de ontwerper van het begraafpark: Café L.A. Springer. Bezoekers van deze gelegenheden: in natuur en funeraire cultuur geïnteresseerde begraafplaatstoeristen, wandelaars, maar vooral familieleden of naasten die een graf bezoeken.

DORDRECHT

De oudste voorziening is de Orangerie op begraafplaats Essenhof in Dordrecht. Zeven jaar geleden werd het restaurant geopend als onderdeel van het rouwcentrum van Uitvaartverzorging Dordrecht en omstreken, dat op het terrein van begraafplaats en crematorium Essenhof staat. De Orangerie is een volwaardig restaurant. Uitbater Peter Snijders werkte 25 jaar als oberkelner in de Dordtse horeca voordat hij op de begraafplaats kwam werken. ,,We doen niet onder voor een middelgroot restaurant'', vertelt hij. ,,We hebben een volwaardige keuken, we werken op linnen, we hebben servies van Villeroy en Boch, er staan verse bloemen op tafel. Het enige verschil met een restaurant is dat ik geen menukaart en geen wijnkaart heb.'' Het terughoudende drankbeleid heeft er alles mee te maken dat vertrekkende gezelschappen het pad zouden kunnen kruisen van families die juist iemand gaan begraven. De afgelopen jaren serveerde Snijders 38.000 couverts (van koude buffetten tot eenvoudige warme maaltijden), allemaal voor families en belangstellenden na een uitvaart. Want daar is de Orangerie voor bedoeld: om mensen na een uitvaart iets anders en beters te kunnen bieden dan een kop koffie met een plakje cake. ,,Er zijn families die vanwege de Orangerie voor deze plek kiezen'', zegt Snijders. ,,Als ze een uitvaart moeten regelen, weten ze nog niet welke kist het wordt, ze weten de tijd nog niet en ze weten zelfs nog niet of het een crematie of een begrafenis moet worden. Maar ze weten al wel dat ze na afloop hier willen eten.''

VELSEN

Op begraafplaats Westerveld in Velsen is het Petit Café bedoeld als extra service aan bezoekers. Drie jaar geleden opende het café de deuren. Daarmee had Westerveld de wereldprimeur van het eerste café op een begraafplaats. Steeds meer mensen weten hun weg naar Petit Café Westerveld te vinden, zegt Ada Kievit: ,,Mensen die hier komen zijn bezoekers van de begraafplaats en de urnentuin of het zijn mensen die te vroeg komen bij een uitvaartplechtigheid. Vanwege de files gaan mensen steeds vaker eerder van huis. Ook komt na afloop van een uitvaart wel eens een groepje hiernaartoe om wat na te praten. Begrafenissen zijn vaak een soort reünie. De stemming is daarom niet bedrukt, integendeel. Toen we net open waren, draaiden we rustige achtergrondmuziek. We hebben dat aangepast toen er commentaar op kwam: of het niet wat vrolijker kon.''

Op zondag zit het Petit Café regelmatig vol, zeker rond lunchtijd. Want Velsen trekt veel mensen die de begraafplaats als park bezoeken. Er komen vogelaars met hun verrekijker of begraafplaatstoeristen, op zoek naar grafmonumenten van beroemde Nederlanders. Ze maken een wandeling en komen na afloop iets drinken en eten in het Petit Café. Het café heeft ook vaste gasten. ,,Een moeder en dochter komen bijna iedere dag en dan zitten ze hier een uurtje. Eerst drinken ze koffie, dan gaan ze naar het familiegraf om de bloemen te verzorgen en daarna komen ze hier weer wat gebruiken. We hebben ook een tijd een man gehad die elke morgen rond een uur of tien kwam, hier zijn ontbijt gebruikte, de krant las en vervolgens bij het graf van zijn vrouw ging zitten om te vertellen wat hij allemaal had beleefd.''

GRONINGEN

Ook het Theehuis op de Groningse begraafplaats Selwerderhof heeft een belangrijke sociale functie. Naast vogelkijkers, kunstkijkers en af en toe een verdwaalde junk die denkt dat het theehuis een coffeeshop is, komen er toch vooral mensen die een graf hebben bezocht. Germa de Jonge is een van de vrijwilligers, die het Theehuis runnen. Ze hoorde van het bestaan van het Theehuis nadat ze op de begraafplaats haar zoontje had begraven. ,,Als ik het graf van mijn zoontje heb bezocht, wil ik niet gelijk weer terug naar de wereld buiten de begraafplaats waar het dagelijks leven gewoon verder gaat. Die overgang was zeker in het begin heel moeilijk, het zijn verschillende werelden. Even rustig zitten, aan een ander vertellen wat je is overkomen, dat kan niet in een café verderop in de stad. Ik merk nu ik hier als vrijwilliger werk dat ook andere mensen de behoefte hebben om te vertellen over het graf dat ze hebben bezocht.''

EN STRAKS AMSTERDAM?

Een geleidelijke overgang tussen begraafplaats en buitenwereld. Dat is ook wat directeur Marie-Louise Meuris voor ogen staat bij het nog te openen café Springer op de Nieuwe Ooster in Amsterdam. In de oude directeurswoning is het Nederlands Uitvaartmuseum gepland. Als het pand verbouwd wordt tot museum maakt de begraafplaats van de gelegenheid gebruik door er gelijk een café naast te laten zetten. Het is vlakbij de poort, het overgangsgebied van de rust van de begraafplaats naar de drukte van de stad. Het schetsontwerp is klaar, volgend jaar moeten museum en café open gaan.

Het café is vooral bedoeld voor mensen die een graf komen bezoeken of die naar een uitvaart komen. Tegelijk is het café ook een wapen in de concurrentiestrijd, waar zelfs begraafplaatsen mee te maken hebben. Meuris: ,,Het is een voorziening die een ander niet heeft. Je mag eigenlijk niet zeggen dat je zakelijk bent als het gaat om de dood. Maar ik probeer met de nodige piëteit en compassie een vlekkeloze dienstverlening neer te zetten. Daar hoort dit café ook bij, want ik zie nog te vaak dat mensen die voor een uitvaart komen, lang staan te wachten.''

Sinds Meuris een paar jaar geleden directeur van de Nieuwe Ooster werd, speelt ze met plannen voor een café. De opening van het Petit Café Westerveld sterkte haar in haar voornemen. Het denken over dit soort voorzieningen past bij de ontwikkeling dat begraafplaatsen niet meer als een gesloten wereld, maar steeds meer ook als wandelpark worden gezien. Toch ziet ze ook de grenzen daarvan. ,,Aan ene kant willen we goed op de kaart staan, maar er is een risico dat de druk op het park te groot wordt. Ons uitgangspunt is dat de begraafplaats weliswaar een openbaar wandelpark is, maar geen gewóón openbaar wandelpark. De kern is de beslotenheid en de rust. Er zijn nog maar een paar plekken in Nederland waar je in alle rust kan rondlopen en die een plek van bezinning zijn. Daar moeten we zuinig mee omgaan. Ik pas ervoor de begraafplaats open te stellen als een `gezellig' wandelpark. Hier laat de bezoeker het drukke stadsleven achter zich en betreedt hij de besloten, stille wereld van de begraafplaats. Iedereen is welkom om te recreëren in deze besloten wereld, maar het gaat wel om recreëren met respect, in stilte en rust.''