Een volk dat niet kan tellen zoals wij dat gewend zijn

De kop en intro bij het artikel van Hendrik Spiering `Een volk dat niet kan tellen' (NRC Handelsblad, 20 augustus), vielen mij op.

Ik neem aan dat kop en intro door een eindredacteur zijn gemaakt, want hoe is het anders te verklaren dat deze beide ingrepen iets nieuws suggereren terwijl al eerder bekend was onder antropologen dat sommige Amazone indianenstammen nauwelijks of niet tellen.

Napoleon A. Chagnon publiceerde reeds in 1992 over dat fenomeen van niet kunnen tellen verder dan een, twee en veel, en wel bij de stam der Yanomamo. Prometheus bracht in 1993 een Nederlandse vertaling van die studie uit onder de subtitel `De nadagen van het paradijs'. Op de achterflap rept de eerste zin al van dat opvallende verschijnsel van niet tellen zoals wij dat gewend zijn te doen.

Spiering is overigens zelf veel voorzichtiger, want hij stelt dat ,,bekend was dat hun taal (die van de Pirahã) alleen de telwoorden een, twee en veel zou bezitten''. Volledigheidshalve had hij echter wel van Chagnons werk en resultaten iets moeten melden.

Nieuw in het gememoreerde onderzoek bij de Pirahã was inderdaad nu wel dat onderzoekers ter plekke dat telsysteem hebben getoetst. Dat merkt Spiering in zijn artikel dan ook terecht op.

Claude Lévy-Strauss beschrijft in diens `Het trieste der tropen' (Tristes tropiques, 1955) ook diverse Amazone-stammen, maar daar kwam ik dat niet-tellen niet tegen. Dat veldonderzoek dateert al uit circa 1938. Chagnon vertoefde bij de Yanomamo vanaf 1964-66.