...de krant antwoordt

Als een redactie over een bedrijf schrijft dat ook in die krant of website adverteert, heeft een lezer altijd reden om waakzaam te zijn. Vertrouwen en gezag krijgt de krant niet zomaar. Dat moet worden toegekend, door die lezer. Bij deze lezer heeft de krant nog een wereld te winnen. De redactie is zich zeer bewust van de indruk die een inhoudelijke samenloop van commercie en journalistiek in hetzelfde medium kunnen wekken. Zozeer dat de reportage waar de lezer aanstoot aan neemt, aanvankelijk door de hoofdredactie een week is opgehouden voor publicatie, juist omdat we voor verwarring vreesden. Op 7augustus plaatste het advertentiebedrijf namelijk een fullcolour advertentiepagina van het digitale datingbedrijf Parship in het maandblad M onder vermelding `in samenwerking met NRC Handelsblad' en de afbeelding van de masthead van de krant. Daar was de hoofdredactie niet blij mee, omdat het begrip `samenwerking' suggereert dat ook de redactie een handje helpt bij het verwezenlijken van de winstdoelstelling van Parship.

In werkelijkheid bestaat die samenwerking uit het bieden van vaste commerciële ruimte op de website en het afrekenen naar de mate van gebruik. Het was de hoofdredactie liever geweest als de lezer duidelijker was gemaakt dat die `samenwerking' zich beperkt tot de uitgever van de krant. Bijvoorbeeld door te spreken over ,,het advertentiebedrijf van NRC Handelsblad'' dat, net als de uitgevers van tal van dagbladen, sites en tijdschriften in Nederland, Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland met Parship een contract hebben gesloten. Inderdaad, geld stinkt niet. Advertentiegeld is zelfs broodnodig om een krant en vooral een site te kunnen maken waarvan de gebruikers nog nauwelijks in de kosten bijdragen.

Ook een reden om de feature bij Economie aanvankelijk op te houden, was onze constatering dat daarin deze vermaledijde én gewaardeerde `samenwerking' (nog) niet was toegelicht. Ook waren er stemmen binnen de hoofdredactie die vonden dat een bedrijf dat een grote commerciële `samenwerking' met een krant heeft, liever niet zo uitgebreid door de redactie belicht zou moeten worden. Juist om die zo treffend verwoorde boosheid van deze lezer te voorkomen. Anderen vonden dat daarmee de commerciële resultaten van de krant via een zijdeur toch een rol zouden gaan spelen bij de journalistieke afweging, maar dan als beperkende factor. Wat was wijsheid?

Ik heb besloten de redactie de vrijheid te laten zelfstandige journalistieke keuzen te doen. Dat `Parship' een vaste advertentieplek op de website van onder meer onze krant had verworven, was echter wel iets dat nadere toelichting behoefde. Daarom heb ik aangedrongen op een aanvulling van het artikel, in de vorm van een kadertje, waarin we deze Gordiaanse knoop uit het moderne krantenleven zouden kunnen laten zien. Maar wellicht heb ik bij deze lezer daarmee juist slapende honden wakker gemaakt.