`Brussel gelijkt doolhof'

Een speciale taskforce moet zorgen dat de toestroom van aspiranten in het Europese bestuur zo rimpelloos mogelijk verloopt. `Wij voorkomen dat ze verdwalen.'

Dat ze in een gespreid bed komen, is misschien te veel gezegd, maar nieuwelingen krijgen in Brussel, het zenuwcentrum van de Europese Unie, een warm onthaal.

Neem de honderden nieuwe europarlementariërs die bij de verkiezingen in juni een Europees mandaat bemachtigden. Zes weken lang was voor hen in het Europees Parlement een `welkomstand' ingericht waar ze terechtkonden met praktische vragen, van openbaar vervoer tot woonruimte, van verblijfsregels tot gezondheidszorg.

,,Voor nieuwkomers gelijkt Brussel al gauw een doolhof. Wij zijn er om te voorkomen dat ze verdwalen'', zegt Anne-Marie Renard. De Belgische is adjunct-directeur van het `Verbindingsbureau Brussel-Europa' waar tien mensen werken die nieuwelingen wegwijs maken in Brusselse en Belgische mores.

Het Verbindingsbureau werd in 1991 opgezet door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, waaronder negentien gemeenten vallen. Doel is het imago van Brussel als Europese hoofdstad te versterken. Welkomacties, informatiebeurzen, promotiecampagnes, opendeurdagen en congressen horen tot het vaste repertoire van Renards dienst.

Het Verbindingsbureau helpt niet alleen europarlementariërs. Ook buitenlandse ambtenaren, diplomaten, politieke assistenten, journalisten en lobbyisten kunnen er terecht voor informatie en advies.

,,De meeste vragen gaan over wonen en werken in België'', zegt Renard. ,,We begeleiden veel aanvragen voor verblijfsvergunningen en werkvergunningen. Het kan veel schelen als je de weg kent in de bureaucratie.'' Dat geldt evenzeer voor aanvragen voor aansluitingen op telecom, gas, water en licht.

Bemiddelen bij huisvesting mogen de medewerkers van het Verbindingsbureau niet. Daarvoor zijn de nieuwkomers aangewezen op commerciële tussenpersonen en makelaardij. ,,Maar we lezen huur- en koopcontracten desgewenst wel na en we leveren zonodig gepast commentaar.'' Want met ongelukken door taalperikelen of malafide huisjesmelkers is Brussels imago niet geholpen, bekelmtoont Renard.

Onder buitenlanders die zich in Brussel vestigen, voor kortere of langere tijd, blijken naast Brussel-stad de gemeenten Sint-Lambrechts-Woluwe, Sint-Pieters-Woluwe, Elsene, Etterbeek en Oudergem het meest in trek. Aan geschikte woonruimte is volgens Renard geen gebrek. ,,De Brusselse markt is ruim.''

Er is behalve het praktische nut ook een goede economische reden voor het gewestbestuur om nieuwkomers terzijde te staan. Want `Europa' is een van Brussels grootste werkgevers en het gaat bij deze werkgelegenheid over het algemeen om relatief goed betaalde banen, waarvan ook andere sectoren – horeca, dienstverlening, garages – profiteren.

In het hele gewest wonen en werken meer dan 21.000 EU-ambtenaren (met hun gezinnen meer dan 53.000 inwoners), zo bleek uit onderzoek in 2001. Een kwart had de Belgische nationaliteit, de rest kwam van elders. En dat was dan nog zónder buitenlandse diplomaten, tolken, mediavertegenwoordigers, consultants, belangenbehartigers en stagiairs, en ook vóór de recente uitbreiding van de Europese Unie met acht nieuwe lidstaten uit Midden- en Oost-Europa en de Middellandse Zee-eilanden Cyprus en Malta.

Het vorige gewestbestuur onderstreepte het belang van Europa voor de Brusselse regio door een taskforce te formeren die ervoor moet zorgen dat de toestroom buitenlanders naar Europese en andere internationale organisaties zo rimpelloos mogelijk verloopt.

Er blijven natuurlijk altijd nieuwkomers die het op eigen houtje doen met tips uit hun informele mond-tot-mondcircuit. Zoals de Nederlandse europarlementariër Jeanine Hennis-Plesschaert (VVD) uit Heerlen, die door de week voorlopig in een Brussels hotel bivakkeert. ,,Ik kreeg het benauwd bij de gedachte hier meteen op zoek te moeten naar woonruimte. Dat komt over een tijdje vanzelf wel.''