Bloomington, Indiana

Maartje Duin volgt in een tweedehands jeep het spoor van de Amerikaanse verkiezingscampagne.

Het wordt moeilijker de clichés te vermijden naarmate ik dieper in de Bible Belt terecht kom. Ze staan ook in zulke koeienletters op billboards aan de rand van de weg. `God has a plan for you' las ik hier in Indiana, en `AVOID HELL! REPENT!' Door de straten van St. Louis, Missouri denderden vrachtwagens met het woord CHOICE tussen aanhalingstekens en foto's van bloederige uiteengereten foetussen van 10, 11 weken. Op de eindeloze vlaktes van Kansas waren ze milder. `Choose life – your parents did' luidde een leus, een ander `Life – a beautiful choice'.

Is het leven in Kansas mooi? Als ik Donna en Jim moet geloven wel. Ik ontmoette ze in Oakley, een gehucht van 2.000 inwoners aan de rand van de snelweg. Oakley is de geboorteplaats van Buffalo Bill en dankt zijn faam verder aan een stier met zes poten, die al van tientallen mijlen afstand staat aangekondigd op net zulke reusachtige billboards. Hij is te bezichtigen voor zes dollar. Een dollar voor elke poot.

Donna en Jim waren hier een paar jaar geleden naartoe gekomen vanuit Lincoln, Nebraska. Ze liepen tegen de zestig en hadden genoeg van de grote stad. Hier was het heerlijk rustig. Ze runden er een motel. `Je moet een beetje bezig blijven, ook op onze leeftijd.'

In de weekends maakten ze autotochtjes waarbij ze hun eigen familiegeschiedenis uitplozen. Jims grootvader was rond 1880 naar Kansas gekomen om een `homestead' te beginnen: 65 hectare grond die je goedkoop van de overheid kon krijgen, maar zelf moest ontginnen. Jims grootvader was zestien. Hij groef een waterput, plantte bomen. De winters waren koud op de prairie. Jims grootvader had het moeilijk. In de wijde omtrek was geen vrouw te bekennen en van zijn familie kwam niemand hem opzoeken, hoe vaak hij daar ook in brieven om vroeg. Na tien jaar kwam de laatste brief: `Ik ga hier weg. Als jullie me nu komen opzoeken, vinden jullie alleen de resten van mijn huis.'

De mensen die het wel redden in Kansas, zei Donna, waren van het hardste soort.

,,Contact met de buitenwereld hebben ze hier nauwelijks.'' Stemmen? ,,Ik weet zeker dat 95 procent van de inwoners hier nog nooit gestemd heeft.'' Lokale verkiezingen waren er wel: dan won degene met de meeste familieleden in Oakley. Elf september was aan het dorp voorbijgegaan. En toen de oorlog uitbrak, zeiden Donna en Jim wel eens iets als: ,,Goh, zagen jullie de mariniers op televisie?'' Dan haalden hun buren hun schouders op, keken naar de lucht en vroegen: ,,Denk je dat het nog gaat regenen vandaag?''

Ik moest denken aan het gesprek dat ik de avond tevoren had gehad in de Buffalo Bill Bar in de hoofdstraat van het dorp. Waar de reis naartoe voerde, vroeg een hedendaagse Buffalo Bill met bakkebaarden en een grote cowboyhoed. Naar New York, zei ik, naar de Republikeinse Conventie. ,,Oh, Bush'', zei hij, ,,die moeten we hier niet.'' ,,Echt niet?'', zei ik verrast. Zou ik de enige Democraat van heel Kansas tegen het lijf zijn gelopen? Nee, Kerry kende hij niet, maar voor Bush had hij geen goed woord over. ,,Anders had hij zich wel aan zijn woord gehouden en Saoedi-Arabië gewoon platgebombardeerd!'' Of nou ja, hoe heette het. Dat land waar ze andere mensen hun handen afhakken.