Stillmans filmdelicatessen

In de prille jaren tachtig prijkten in het Nederlandse hardrockfanzine Aardschok (`Keihard rockblad') advertenties voor T-shirts en stickers met het poëtische Sinterklaasrijm: ,,Disco is shit, in heavy metal zit pit.'' In The last days of disco illustreert een NBC-journaalfragment nog eens hoe gepolariseerd indertijd de verschillende muziekkampen waren: onder luid gejuich wordt in een stadion een gigantische stapel discoplaten in de fik gestoken. Dit roerende solidariteitsmoment gebruikt scenarist-regisseur Whit Stillman (Washington, 1952) als zelfverklarend intermezzo in een film waarvan de titel al menigeen slinks heeft misleid. Stillman sluit met deze comedy of manners, over een geassorteerd groepje middenklasse-twintigers dat zich in het New York van begin jaren tachtig een weg baant door carrière, vriendschappen en uitgaansleven, zijn grotestadstrilogie over onzekere mensen in een onzekere tijd. In dat drieluik vormen het fijnzinnige Metropolitan (1990) en de zonnig-ironische ex-pats-kroniek Barcelona (1994) het eerste en tweede deel. Voor de derde keer jongleert de filmmaker-bij-toeval met een sophisticated prachtscript waarin iedere dialoog een wondertje is van geestigheid en taalkundige raffinesse en de aandoenlijke personages keer op keer struikelen over hun eigen gevoelens en paradoxale handelwijze. Naast Kate Beckinsale en Chloë Sevigny – als respectievelijk de onuitstaanbare opportuniste Charlotte en het dotje Alice – komen enkele vaste Stillman-mannen langs. Chris Eigeman steelt als de even eloquente als rokkenjagende clubmanager Des de show: niemand debiteert Stillmans Noel Coward-achtige bon mots treffender dan hij. Overigens werd de club waar veel scènes zich afspelen gemodelleerd naar de roemruchte glittergrot Studio 54, waar Stillman ooit het eerste afspraakje had met zijn toekomstige echtgenote. Spijtig genoeg kreeg de naar Parijs verkaste regisseur – tegenwoordig freelance journalist en schrijver – na The last days of disco geen filmproject van de grond. De man die ooit trefzeker opmerkte dat oude films qua dialoog en script veel `sneller' zijn dan de nieuwe met racewagenmontage en geluidseffecten ooit kunnen simuleren, verdient beter: Stillmans filmdelicatessen zijn van die zeldzame variëteit waarnaar je met even veel genoegen luistert als kijkt. Behalve naar die discosoundtrack van de laatste dan.

The Last Days of Disco (Whit Stillman, 1998, VS), Veronica, 1.40-3.45u.