In het koffiehuis valt een illegaal niet op

De meeste illegalen vestigen zich in wijken waar veel legale landgenoten wonen. Ze profiteren van de informele economie die hierdoor is ontstaan. Bospolder- Tussendijken is zo'n `illegalenwijk'.

Dertien jaar woonde hij met zijn vrouw en kinderen illegaal in Nederland. Tot hij in 2000, op grond van de eenmalige regeling voor `witte illegalen', alsnog een verblijfsvergunning kreeg. Inmiddels heeft hij ook een Nederlands paspoort. Mahmut Karadavut, eigenaar van de Turkse buurtwinkel Öz Anadolu, bekent het met enige schroom. Eerst stond de winkel in de Rotterdamse achterstandwijk Bospolder-Tussendijken op naam van zijn zwager, maar Karadavut werkte er wel elke dag. Nu is hij de eigenaar.

Bospolder-Tussendijken is één van de 32 wijken in Nederland met de meeste illegalen. In deze veelal dichtbevolkte buurten en wijken, waar meestal veel allochtonen wonen, is tussen de 3 en 6 procent van de bewonersgroep niet in het bezit van een verblijfsvergunning. Dat zeggen onderzoekers van de Erasmus Universiteit in Rotterdam in het deze week gepubliceerde onderzoeksrapport Wijken voor illegalen. Over ruimtelijke spreiding, huisvesting en leefbaarheid. In de overige circa 1.470 buurten en wijken in Nederland wonen nauwelijks illegalen, blijkt uit het onderzoek. De conclusies zijn gebaseerd op politiegegevens en veldonderzoek in Bospolder-Tussendijken en de Schilderswijk in Den Haag.

In Bospolder-Tussendijken werden tussen 1997 en september 2003 1.500 illegalen door de politie opgepakt. In heel Nederland waren dat in dezelfde periode 90.000. Onderzoeker Arjen Leerkes begeleidde de studenten, deels allochtoon, die in de Rotterdamse wijk illegale en legale bewoners ondervroegen. Zelf deed hij de gesprekken met vertegenwoordigers van de (vreemdelingen)politie, woningbouwverenigingen, de dienst bouw- en woningtoezicht en buurt- en wijkorganisaties.

Leerkes bekent tijdens een wandeling door de wijk dat hij aanvankelijk het idee had dat je op straat iets van de concentratie van illegalen zou moeten merken. ,,Maar wat opvalt'', zegt hij, ,,is dat je in een zeer gemêleerde wijk rondloopt – 65 procent van de bewoners is allochtoon – en dat er voornamelijk buitenlandse winkels, eet- en belhuizen, kappers, reisbureaus en garages zijn. Er is dus een etnische infrastructuur ontstaan. Je kan niet aan iemand afzien hoelang hij of zij hier al woont en of men over verblijfspapieren beschikt.''

Bospolder-Tussendijken telt 14.440 inwoners, grotendeels afkomstig uit Turkije, Marokko, de Antillen en het voormalige Joegoslavië. De gemiddelde waarde van een huis is 37.000 euro. Meer dan de helft van de bewoners (55,5 procent) behoort tot de laagste inkomensgroep – 36 procent is werkloos of arbeidsongeschikt. Menigeen verdient wat bij door de verhuur aan (deels) illegalen van een bed (150-250 euro per maand), kamer (200-700 euro per maand) of etage (500-600 euro per maand). Soms is men zelf de eigenaar van het pand, soms verhuurt men een deel van de huurwoning onder. ,,Deze Rotterdamse wijk'', zegt onderzoeker Leerkes ,,kent nogal wat particuliere huizenbezitters die profiteren van het aanbod aan illegalen die sinds de Koppelingswet (uit 1998) zelf niet meer kunnen huren bij een woningbouwvereniging.''

De 20-jarige Murat (afkomstig uit Turkije) betaalt 200 euro per maand voor zijn kamer, in een huis dat tot pension is omgebouwd. Naast andere Turken wonen er ook Irakezen en Bulgaren – allemaal illegaal in Nederland. Murat kwam twee jaar geleden op een toeristenvisum naar Rotterdam. Naar vrienden in Bospolder-Tussendijken. Sindsdien woont hij er illegaal. Soms komt er iemand langs bij het pension, zegt hij, met een aanbod voor werk, bijvoorbeeld als tuinman. ,,Verder krijg ik zo nu en dan geld van Turkse vrienden of leen ik van hen. ik heb inmiddels nogal wat schulden.''

Volgens de onderzoekers van de Erasmus Universiteit kenmerken `illegalenwijken' zich door een zwak sociaal milieu, de aanwezigheid van een sterke concentratie van legale landgenoten en veel alleenstaanden die naar verhouding vaak illegalen huisvesten. ,,Niet alleen als onderhuurders'', zegt onderzoeker Leerkes, ,,maar ook als levenspartner.''

Bospolder-Tussendijken bestaat uit straten met goedkope huizenblokken van drie tot vier verdiepingen en veel schotelantennes. Hier en daar zijn hele huizenblokken dichtgetimmerd. Andere delen van de wijk zijn de afgelopen jaren gerenoveerd. ,,Hierdoor is de drugsoverlast grotendeels uit de wijk verdwenen'', verklaart Leerkes. De veelal illegale Noord-Afrikanen uit Frankrijk, die betrokken waren bij de verkoop van drugs aan (meestal) Franse toeristen, zijn daardoor verdreven. ,,De laatste jaren zie je juist steeds meer Bulgaren in de wijk'', zeggen de Turkse vrienden Ogur (18) Salih (18) en Suleyman (17), die elkaar dagelijks treffen in de Haya Sofia-moskee in de wijk. ,,Vooral op vrijdag, tijdens het wekelijkse gebed, kom je vaak illegalen tegen'', zegt Salih. ,,Omdat je ze niet van gezicht kent, maak je na afloop van het gebed een praatje en dan vertellen ze dat ze hier illegaal zijn.''

Volgens onderzoeker Leerkes maakt met name de informele, etnische infrastructuur in wijken als Bospolder-Tussendijken het mogelijk voor illegalen om zich er staande te houden. ,,In dergelijke wijken vallen ze niet op en profiteren ze van de etnische voorzieningen (koffiehuizen om de dag door te brengen, winkels met producten uit het land van herkomst, moskeeën en hulpverlening).''

De Nederlandse buurtbewoonster Bogaards (57) zegt dat tegenover haar een aantal Turkse garages op een rij zit. ,,Ik weet zeker dat daar illegalen aan het werk zijn.''

Leerkes: ,,We weten dat Marokkanen nauwelijks in staat zijn hun illegale verwanten en vrienden aan een baan hier te helpen, maar dat dat wel opgaat voor Turken. Die beschikken, net als de Bulgaren, vaak over een uitgebreid netwerk aan familieleden en bekenden die niet te beroerd zijn om een illegale landgenoot aan een baantje te helpen.''