Duif

Het is heerlijk op het dakterras met uitzicht op de Acropolis. Er klinkt zachte muziek en het verstand staat even op nul. Van ver is het geluid van auto's hoorbaar. Barman Iannis is weliswaar boos omdat de dagploeg de bar niet schoon heeft achtergelaten, wat heet, maar als hij de televisie aanzet om naar het waterpolo te kijken lijkt alles vergeten. Totdat iets zwarts opduikt. En neerstrijkt en zich heel klein maakt. Een duif. ,,Mijn duif is dood'', zegt mijn buurman aan de bar.

Nog niet, want hij licht zijn hoofdje op, dan zijn pootjes en waggelt naar een plekje in de schaduw. Iannis vult intussen een schaaltje met water en schuift dat zo dicht mogelijk bij de duif. Alle blikken zijn weer gericht op de televisie, dus niemand heeft gemerkt dat de duif tot vlakbij de bar is gelopen en daar is gaan liggen. Een beetje onhandige plek, want daar kan hij zomaar omver gelopen worden.

Dus moet hij daar weg. Collega barman Kostas pakt een stuk papier en wikkelt de duif daar in om hem naar een veiliger plaats te brengen. Hij vraagt Iannis of hij het schaaltje water ook moet verplaatsen.

Op zijn beurt kijkt Iannis mij vragend aan. Opnieuw water geven, betekent zijn leven rekken. En dan? Kan hij dan zelf wegvliegen of moet hij hem over de balustrade gooien. Echter, niets meer geven betekent hem laten sterven. Ik zeg niks. Journalisten gaan over het nieuws, niet over leven en dood.