Na 52 jaar viert Israël eerste gouden medaille

De Israëlische surfer Gal Fridman won gisteren in Athene de eerste gouden medaille in de 52-jarige olympische geschiedenis van zijn land.

De meeste Israëliërs kenden Gal Fridman, sinds gisteren olympisch kampioen windsurfen, eigenlijk niet. Uitgezonderd de zeil- en surfgemeenschap. Tot het moment dat televisie en radio in de laatste week van de zomervakanties gans Israël alarmeerden dat de 28-jarige inwoner van Karkur bij Hadera daar in Athene een bijzondere, zelfs historische prestatie aan het leveren was: voor het eerst sinds 1952, het jaar waarop Israël debuteerde in de Spelen, zou een landgenoot een gouden medaille winnen.

In kantoren, winkels en cafés genoot Israël met volle teugen van deze gebeurtenis en het vervolg; de finish, Gals duik in het water met de blauwwitte vlag om zijn schouders, het moment waarop hij zijn tanden in de medaille zet en de lauwerkrans iets vaster op zijn hoofd drukt. En bij het horen van het Israëlische volkslied, Hatikva.

,,Goh, straks worden we nog een normaal land. Al een tijd geen bussen ontploft en eerst een bronzen medaille en nu goud. Eindelijk positief nieuws'', constateerde documentairemaker Niv Adi op het terras van een falafelzaak in Kfar Yona na afloop van het avondjournaal. De normale abnormaliteit is nooit helemaal weg te denken, zeker niet toen de beretrotse Fridman zijn medaille opdroeg aan elf Israëlische atleten en coaches die tijdens de Olympische Spelen in München (1972) bij een Palestijnse terreuraanslag werden gedood.

De combinatie van aangename verrassing, verbazing over het succes en vooral ook verbazing voor de verandering eens positief in het nieuws te zijn, bepaalde vandaag ook de toon in de ochtendkranten. En dat de koppenmakers zich zouden uitputten in woordspelingen – Gal betekent in het Hebreeuws golf – lag voor de hand. Het succes van Fridman en diens coach Gur Steinberg kreeg extra accent in de verhalen over zijn sportgeschiedenis: brons in Atlanta, gepasseerd voor Sydney als gevolg van blessures, vervolgens twee jaar gestopt om zich toe te leggen op wielrennen, toch weer de plank uit de kast gehaald, wereldkampioen in 2002, derde plaats op het WK in 2003.

Die geschiedenis moest in herinnering gebracht worden, omdat Israël, ondanks de ligging aan de Middellandse Zee, geen grote zeil- of windsurfnatie is. Er wordt eigenlijk opmerkelijk weinig gezeild. De grote sporten zijn op de eerste plaats basketbal, gevolgd door voetbal. TV en kranten besteden ook weinig aandacht aan windsurfen, omdat, zo constateerde een sportcommentator, het altijd koud en nat is en de wedstrijden eigenlijk heel moeilijk te volgen zijn.

Dat was in Griekenland anders, want de zogeheten Mistral-race werd door journalisten vanuit boten gevolgd. Of de tv-kijkers in de wirwar van gekleurde zeilen en wisselend hangende en pompende surfers daar wijzer van werden is de vraag, maar daar ging het in Israël niet meer om. Gal Fridman wist, toen hij als tweede na de Griek Nikolaos Kaklamanakis over de finish kwam, dat hij goud om zijn hals had hangen, iets waarop hij bij het begin van deze Spelen niet had gerekend. ,,Ik dacht dat goud pas in Peking in 2008 binnen bereik zou komen'', vertelde hij.

Sport is politiek en dat was Fridman niet vergeten. Natuurlijk, hij had zich ingespannen voor de sport, voor het plezier van het winnen, maar ook voor Israël. ,,De burgers van Israël én het joodse volk zijn trots op je en houden van je'', lieten president Katsav, premier Sharon en talrijke andere ministers hem weten. In het vredesbos bij Jeruzalem worden vandaag veertien bomen geplant; veertien is het numerieke equivalent van het Hebreeuwse woord voor goud.