Zalm houdt gemeenten aan leiband

Minister Zalm (Financiën) wil de gemeenten binden aan nieuwe vereisten voor hun begrotingen en hen tegelijk verbieden de lokale lasten te verzwaren. Maar een flinke bron van gemeentelijke inkomsten, de onroerendezaakbelasting, blijft nog een jaar langer bestaan.

Het heeft iets schizofreens: de ene dag kunnen gemeenten in de krant lezen dat ze vanaf 2006 boetes opgelegd krijgen als ze een te hoog tekort op hun begroting hebben. De volgende dag zien ze dat de voorgenomen afschaffing van de onroerendezaakbelasting (ozb, een belangrijke bron van inkomsten voor gemeenten) een jaar is uitgesteld en waarschijnlijk pas in 2006 door zal gaan.

De relatie tussen het rijk en de gemeenten staat de laatste maanden danig onder druk. Als gevolg van de vergaande bezuinigingen die het rijk – daartoe gedwongen door een economische recessie – doorvoert op zijn eigen begroting, wordt de afdracht aan het gemeentefonds ook lager. Maar los van die automatische korting op de lokale begroting, heeft minister Zalm (Financiën) nog meer in petto voor de lokale overheden.

Dat juist voorzitter Ralph Pans van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) deze week in zijn weblog schrijft dat hij tijdens een bijeenkomst op het ministerie van Financiën vorige week te horen kreeg dat de ozb voorlopig niet wordt afgeschaft, kan toeval zijn. Maar enige irritatie bij de gemeenten is er inmiddels wel over de opstelling van het rijk.

Gemeenten in Nederland liggen in de ogen van de VNG al veel te veel aan het ,,rijksinfuus'', zegt Pans in een telefonische toelichting op zijn weblog. Van de totale lokale begrotingen komt nu al 90 procent van het rijk, als de ozb wordt afgeschaft, zijn gemeenten voor 95 procent afhankelijk van het rijk. Zalm overweegt bij het afschaffen van het gebruikersdeel van de ozb ook nog eens de gemeenten een maximum op te leggen voor de resterende ozb-inkomsten (bedrijfspanden en het eigenarendeel), zodat gemeenten ook geen compenserende bron van inkomsten kunnen aanboren. De VNG pleit ervoor de ozb helemaal niet af te schaffen. Volgens de VNG is het niet mogelijk gemeenten `op maat' te compenseren voor het verlies aan inkomsten. Een extra storting uit het gemeentefonds ter compensatie van de ozb zou rijke gemeenten bevoordelen en arme gemeenten benadelen, zo berekende het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (Coelo) al eerder.

En dan de tekorten. Zalm toonde zich vorig jaar al onaangenaam verrast met een oplopend tekort bij de lokale overheden. Die tekorten tellen, net als het saldo bij de sociale fondsen en het tekort bij de rijksoverheid, mee in het zogenoemde EMU-saldo. En dat saldo is in Brussel weer maatgevend om te controleren of landen wel een goed begrotingsbeleid voeren. Zalm heeft zich hard gemaakt voor het naleven van de zogenoemde 3-procentsgrens van het Stabiliteitspact, die bepaalt dat landen met een hoger begrotingstekort dan 3 procent van het bruto binnenlands product een boete moeten krijgen. Nederland zit zelf inmiddels ook boven de 3 procent.

De gemeenten hadden een logische verklaring voor het oplopende tekort. Zij hadden de afgelopen jaren reserves opgebouwd en zetten die reserves nu in om bijvoorbeeld grond aan te kopen. Dat was juist goed, zo redeneerden zij, omdat gemeenten zo de economie aanjoegen. Als Zalm een investeringsstop zou eisen, zouden de problemen pas echt groot worden, omdat grote projecten als wegen, nieuwbouwwijken en bruggen dan geen doorgang meer konden vinden.

Oorzaak van het probleem met de te grote tekorten bij de lokale overheden is echter vooral gelegen in een boekhoudkundige definitie die in Brussel gehanteerd wordt. De gemeenten maken gebruik van een zogenoemd baten-lastenstelsel, waarbij investeringen over een aantal jaren uitgesmeerd mogen worden op de begroting. Ook zijn investeringen in grondaankopen uit financiële reserves mogelijk zonder dat er een tekort op de lokale begroting verschijnt. Zo kunnen gemeenten die bijvoorbeeld hun aandelen in een nutsbedrijf hebben verkocht, die opbrengsten nu gebruiken voor grondaankopen. Liquide middelen maken dan plaats voor andere bezittingen.

Het rijk werkt met een zogenoemd kas-verplichtingenstelsel, waarbij de eerder genoemde grondaankopen wel `EMU-gevoelig' zijn. Gemeenten hebben volgens de boekhoudregels van het rijk namelijk minder financiële middelen dan voorheen en dat telt. Het feit dat daar bezit (grond) tegenover staat is voor de Brusselse definitie van het saldo niet van belang.

De facto hebben gemeenten dus helemaal geen echt tekort op hun begroting, alleen boekhoudkundig loopt het mis. In een begin deze maand gepubliceerd advies van een aantal externe deskundigen wordt een groot aantal oplossingen voor het EMU-probleem van de gemeenten aangedragen binnen de huidige definitie van het tekort. Zo zouden gemeenten grond kunnen laten kopen door een NV of een BV waarin de gemeente dan aandelen heeft. Ook kon gedacht worden aan publiekprivate samenwerkingen met het bedrijfsleven. Voor de korte termijn zijn dat handzame suggesties, erkent Pans, maar de echte oplossing ligt elders. ,,Het is een praktisch, boekhoudkundig probleem'', aldus Pans. ,,Het is wel duidelijk dat Financiën hier in het verleden een steek heeft laten vallen door rijk en gemeenten in Brussel over één kam te scheren.'' Pans vindt dat de definitiekwestie dan ook in Brussel opgelost moet worden. ,,Ik snap wel dat Zalm wil voorkomen dat hij onder de huidige definitie een probleem met zijn tekort krijgt, maar daar gaan wij niet voor opdraaien. We moeten dat netjes oplossen en tegelijkertijd aan een structurele oplossing werken.'' Een poging van Zalm om ook de rijksbegroting op basis van een baten-lastenstelsel te voeren liep eerder dit jaar overigens stuk op technische problemen bij enkele departementen.

Een woordvoerder van Financiën zegt dat ,,op ambtelijk niveau'' met enige regelmaat in Brussel wel gesproken wordt over dergelijke definitiekwesties. ,,En de komende maanden zal er een discussie over het Stabiliteitspact gevoerd worden, daarin zou het terug kunnen komen'', aldus de woordvoerder. Maar tot die tijd zal Zalm, om zijn gezicht te redden in Brussel, de gemeenten aan de financiële leiband moeten houden.