Volkse sentimenten in Siena

Enkele tientallen seconden duurt het maar. Ze gaan te snel om ze af te tellen. Eén aangehouden donderslag van stof, paardenhoeven, zweet, gejuich is het, en dan is het weer voorbij. Zo'n beetje als een mensenleven in het licht van de eeuwigheid.

Documentairemaker John Appel richtte met cameraman Erik van Empel zijn blik op de Palio, de jaarlijkse race op ongezadelde paarden op de Piazza del Campo, een immens schelpvormig plein in het Italiaanse Siena.

Ze zetten graag van die grote oerbeelden tegenover elkaar. Hoe het fluisterlege plein het hele jaar kaal en verlaten is en dan in de zomermaanden volstroomt met inwoners van de stad en nieuwsgierige toeristen. Maar voor hen is de Palio eigenlijk niet bedoeld. De Palio is een Middeleeuws aandoend toernooi dat er op gericht is de rust en de orde in de stad te handhaven en waar nodig te herstellen.

Rondom de Piazza del Campo liggen de tien wijken van de stad, die elk een jockey mogen afvaardigen. De wijk die zegeviert, geniet een jaar lang aanzien en status, de overwinning is van orgastische proporties.

Dat vindt althans Egidio, een 92-jarige man uit de Civetta, de kleinste buurt van Siena. En de ongelukkigste. Want de Civetta won al bijna 25 jaar geen race meer. Dat betekent dat er in de wijk inmiddels kinderen geboren zijn die nog nooit het zoet der overwinning smaakten.

In de Castellare, kerk, stal en wijkcentrum ineen, wijst Egidio op de 35 bronzen spijkers in de muur, die eerdere triomfen markeren. Het wordt hoog tijd om de eerste nagel van het rijtje eronder in de muur te slaan. En misschien gaat het Egidio daarbij wel minder om de overwinning zelf, dan om het feit dat winst voor de wijk ook een vorm van continuïteit in het leven waarborgt.

Vanuit dramaturgisch oogpunt is het begrijpelijk dat de keuze op de Civetta viel bij het verbeelden van de gesublimeerde strijd die zich elk jaar in augustus in Siena voltrekt. De Civetta is de eeuwige underdog, een protagonist met wie je kunt meejuichen als het goed gaat en meehuilen als ze verliezen. Wat dat betreft zijn de verschillen met John Appels vorige grote succesfilm over André Hazes niet zo groot. Hij houdt van volkse sentimenten.

Maar The Last Victory, die na zijn première op het International Documentary Filmfestival Amsterdam tamelijk uniek een Engels bioscooproulement kreeg en nu is geselecteerd voor het filmfestival van Toronto, is abstracter dan André Hazes. Zij gelooft in mij. Zijn hoofdpersoon is niet de oude Egidio, die twee wereldoorlogen verloor, maar een stad, een plein, een race.

In The Last Victory gaat het vooral om het verhaal dat onder de gebeurtenissen en de oogverblindende beelden ligt, om de genealogie van een strijd die Appel en Van Empel, in lange, strakke shots proberen te benaderen. In die beelden ligt de ontegenzeggelijke kwaliteit van deze film.

The Last Victory (De laatste overwinning). Regie: John Appel. In: 15 DocuZone-theaters.