Irak even één in steun achter voetbalelftal

Het Iraakse olympische elftal verloor gisteren de halve voetbalfinale van de Spelen. Wat eventueel rest is brons. Een hele prestatie, vindt Karman Aziz.

Iedere avond als het televisiescherm van de Irakees Karman Aziz (41) weer groen kleurt, telt zijn vrouw Dina de negentig spelminuten geduldig af. Ze haat voetbal. Maar vanavond zitten zij en haar twee dochters verplicht op de bank. Het Iraakse olympisch voetbalteam speelt volledig onverwachts de halve finale tegen het Zuid-Amerikaanse Paraguay.

Vanuit de Iraakse hoofdstad Bagdad meldt Aziz telefonisch dat hij goede hoop heeft op een overwinning van zijn land. Het spel is vijftien minuten gaande en de ingenieur vindt dat zijn team goede kansen heeft. Hij vertelt dat hij in de woonkamer zit, met naast hem zijn broer, zijn vrouw en twee dochters. Op de achtergrond klinkt de opgewonden stem van een Iraakse voetbalcommentator.

Aziz is zijn hele leven gewend fan te zijn van andere landenteams. Italië, vrijdag in de troostfinale de tegenstander van Irak, is zijn favoriet. Mooi, consciëntieus voetbal, beschrijft hij in staccato. Spelen aantrekkelijk, zegt hij kortaf over de Italianen. Zijn aandacht is bij het scherm.

Tijdens het bewind van de Baath-Partij zwaaide Saddams megalomane zoon Uday de scepter over het olympisch voetbalteam. Spelers werden gedwongen met betonnen ballen te trainen als ze hadden verloren. Successen in het veld bleven echter uit. Je kan zien dat ze nu ongedwongen spelen; er gaat veel meer vreugde van de voetballers uit dan vroeger, vindt Aziz. We kunnen weer van ze houden.

Terwijl hij zijn zin beëindigt scoort de Paraguayaanse aanvaller Jose Cardozo zijn eerste doelpunt. Oh mijn God, reageert Aziz. Hun spelers zijn meer ervaren, vult hij aan als hij de tegenslag te boven komt. Desondanks heeft Aziz de hoop op de tweede Iraakse olympische medaille in de geschiedenis van het land nog niet verloren. In 1960 won Irak zijn eerste plak; brons voor gewichtheffen tijdens de Olympische Spelen in Rome. We gaan hoe dan ook voor een medaille, want ons team kan strijden om het brons, verklaart Aziz door een krakerige telefoonlijn die vaak wegvalt.

Trots speelt een grote rol in zijn wedstrijdanalyse. Want zeg nou zelf, vindt hij, heeft Irak na al die narigheid niet een opsteker verdiend? Na de gewonnen wedstrijd tegen Australië, die Irak in de halve finale bracht, gingen zijn buren de straat op en leegden hun machinegeweren uit vreugde in de lucht. Nu is het rustig buiten. Maar wacht maar tot ze winnen, dan breekt de hel los, voorspelt Aziz.

De trots is ook gekrenkt door een opmerking van de Amerikaanse president George Bush, die zelfgenoegzaam vaststelde dat het Iraakse team na de machtswisseling veel beter presteert. Net de foute persoon om dat te zeggen, vindt de Iraakse ingenieur. Zeker gezien de veiligheidssituatie in ons land. Bush doet alsof Irak een lappenpop is in zijn handen, vertelt een stomende Aziz. Hij is blij dat de Iraakse spelers boos werden na deze politieke inmenging in hun olympische prestaties. Een speler uit Falluja liet weten bij terugkomst weer de wapens op te nemen tegen de Amerikanen. Wij laten niet met ons sollen, stelt Aziz tevreden vast.

Als de Iraakse spelers en fans uiteindelijk in de 92ste minuut hun hoofden laten hangen bij het zien van de 3-1 eindstand in het voordeel van tegenstander Paraguay, wordt in huize Aziz al zalvend gesproken over het optreden van het nationale elftal. Ik ben natuurlijk treurig én we hadden meer kansen, maar hun spelers zijn meer getraind en komen niet uit een oorlogsgebied, zegt de ingenieur. Zijn vrouw Dina heeft zelfs geschreeuwd om het team aan te moedigen. Dat doet ze anders nooit, zegt haar man blij verbaasd. Waarmee hij maar wil zeggen dat iedereen in Irak vanavond achter het team stond. Een warme gedachte voor Aziz die lid is van de christelijke minderheid in het verdeelde land. Vanavond dachten we even niet aan alle problemen.