Gael García Bernal

In het Griekse theater werden alle vrouwenrollen door jongens gespeeld. De Mexicaan Gael García Bernal speelt in `La mala educación' met die traditie.

Er waren eens twee vrienden. Die speelden in een Mexicaanse soap. Zo'n beetje de Anthonie Kamerling en Reinout Oerlemans van Latijns-Amerika dus. Al was het in Nederland in de begindagen van Goede tijden, slechte tijden waarschijnlijk ondenkbaar geweest dat er een regisseur was gekomen die ze een rol had gegeven in een vrolijke, subversievige film over seksueel ontwaken en de abominabele staat waarin zijn land sociaal en politiek verkeert. Toch was dat precies wat Alfonso Cuarón deed met de twee sterren van El abuelo y yo voor Y tu mamá también, die in 2001 op het filmfestival van Venetië in première ging.

Dit najaar is in de Nederlandse bioscopen te zien hoe Gael García Bernal de volgende stap in zijn prille carrière zet, in twee films die uitgingen op het festival van Cannes. The Motorcycle Diaries van Braziliaan Walter Salles, als Ché Guevara, een rol die hij al eerder in de miniserie Fidel uit 2002 neerzette. En vanaf deze week draait La mala educación van Spanjes stoute troetelkind Pedro Almodóvar. Drie rollen heeft de in een acteursgezin geboren Bernal (Guadalajara, 1978) daarin. Rollen waarin hij wederom speelt met seksuele identiteiten en sekse-overschrijdingen.

Het feit dat hij zich al eerder in een film verdiepte in het seksuele misbruik binnen de katholieke kerk, dat Almodóvar in zijn film aan de orde wil stellen, doet vermoeden dat Bernal, behalve een instant sekssymbool, ook een acteur met een missie is. Toen El crimen de padre Amaro van Carlos Carrera in 2001 in Mexico uitkwam, vertelde Bernal het webmagazine Indiewire hoe belangrijk hij het vond om te tonen dat al die kleurrijke katholieke feestdagen die ze in zijn land vieren, nog iets meer symboliseren dan een dagje vrij. En dan duidde hij niet op de spirituele kant van de zaak.

Ook in Amores perros, de filmhuishit van één jaar eerder, van landgenoot Alejandro González Iñárritu, speelt hij een personage middenin, of beter gezegd aan de zelfkant van de maatschappij. De Mexicaanse Marlon Brando werd hij meteen al genoemd toen die film in Amerika uitkwam en voor een Oscar voor beste buitenlandse film werd genomineerd, om het kwetsbare dat hij achter dat imago van `bad boy' verstopte. In Cannes, waar Bernal met Charlize Theron tot de meest geïnterviewde sterren behoorde, werd hij vergeleken met James Dean en Alain Delon, wat gezien zijn voorkomen meer voor de hand ligt. Zijn wat spitse gezicht en fragiele postuur maakten hem ideaal voor de rol die Almodóvar in gedachten had van een transseksuele actrice die tegelijk een wrekende engel is.

Volgens Salles ligt Bernals grootste kwaliteit in zijn vermogen de omgeving op te zuigen als een spons. In een interview met het Algemeen Dagblad zei Bernal zelf: ,,Ik heb een maand lang geoefend om als vrouw de flamenco onder de knie te krijgen. Als Mexicaanse macho viel dat niet mee.''