Bobby Fischer mag niet in Japan blijven

Bobby Fischer moet Japan verlaten. Het ministerie van Justitie in Tokio liet gisteren weten dat het beroep dat de ex-wereldkampioen schaken tegen zijn uitwijzing had aangetekend, is verworpen.

Het is nog niet duidelijk of Fischer op een vliegtuig naar de Verenigde Staten wordt gezet en wanneer dat gebeurt. Zijn Japanse advocate tekende meteen na het besluit bij een rechtbank bezwaar aan tegen de gehele procedure. Het beoordelen daarvan kan een maand duren. Doorgaans mag de betrokkene het resultaat van zo'n onderzoek in Japan afwachten.

De nu 61-jarige Fischer speelde in 1992 een tweekamp tegen Boris Spassky in Joegoslavië, op een moment dat de VS wegens de burgeroorlog in dat land een economisch embargo hadden afgekondigd. Hij vertrok na de wedstrijd met 3 miljoen dollar prijzengeld op zak. De schaker riskeert in de Verenigde Staten tien jaar cel en een boete van 250.000 dollar. Na zijn tweekamp liet Fischer zich niet meer zien in zijn vaderland.

De schaker werd in juli op de luchthaven Narita van Tokio aangehouden, omdat zijn paspoort was verlopen. Hij probeerde van alles om niet te worden uitgewezen. Zo liet hij de VS weten dat hij zijn staatsburgerschap opzegde, vroeg hij om politiek asiel en kondigde een huwelijk aan met een Japanse. Voor dat laatste had hij echter een geldig paspoort nodig.

Waar Fischer nu terechtkomt, is niet duidelijk. De Japanse wet schrijft voor dat iemand die wordt uitgewezen op het vliegtuig naar het land van herkomst wordt gezet. De autoriteiten in Tokio verstrekten echter geen nadere details.