`Soedan zal in Darfur toegeven'

De Soedanese afwijzing van Afrikaanse vredestroepen voor Darfur wordt onder medewerkers van de Verenigde Naties in Khartoum niet als definitief gezien.

De Soedanese regering zal onder internationale druk uiteindelijk wel degelijk een Afrikaanse vredesmacht in de westelijke regio Darfur toelaten. Dat was de reactie gisteren van medewerkers van de Verenigde Naties in Khartoum op de aankondiging van de Soedanese delegatie bij de vredesbesprekingen in Abuja (Nigeria) dat Soedan een buitenlandse vredesmacht afwijst.

Patrick Cammaert, speciale adviseur van VN-secretaris-generaal Kofi Annan voor militaire zaken, bezocht onlangs Darfur en brengt binnenkort een rapport uit waarin staat dat ,,duizenden vredesmilitairen'' nodig zijn in Darfur. De Afrikaanse Unie, geleid door de Nigeriaanse president Obasanjo, is bereid duizenden soldaten te sturen om de Afrikaanse bevolking van Darfur te beschermen tegen aanvallen van de door de regering gesteunde Arabische militie Janjaweed. Tot nu toe zijn slechts 150 Rwandese troepen ter plaatse met het beperkte mandaat om waarnemers van de AU te beschermen. Dit weekeinde arriveren nog eens 150 Nigeriaanse soldaten.

Deze beperkte troepenmacht staat onder druk van de Soedanese autoriteiten. Hun wachtte geen officieel welkom bij aankomst en de door de overheid gecontroleerde pers schrijft dat deze Afrikanen ziekten in Soedan zullen introduceren, een verwijzing naar het hoge aantal door hiv besmette bewoners van Rwanda. Steeds weer hebben hoge Soedanese leiders voorstellen over buitenlandse interventie van de hand gewezen met het argument dat ,,wij zelf onze bewoners kunnen beschermen''.

De afwijzing van vredestroepen gisteren van de Soedanese delegatieleider in Abuja, de invloedrijke minister van Landbouw Mazjoub al-Khalifa, wordt binnen de VN in Khartoum gezien als onderdeel van het politieke spel tussen de regering en de VN. ,,Als de internationale druk groot blijft, zal de regering moeten toegeven'', zei een hoge VN-functionaris.

In de woorden van deze VN-medewerker voeren de VN overigens een gevecht met de Soedanese regering zonder dat ze over wapens beschikken. ,,De Veiligheidsraad nam een zwakke resolutie aan, de regering weet dat het westen nooit Soedan zal binnenvallen als strafmaatregel, de wereld wil geen tweede Irak.'' Volgens bronnen binnen de VN heeft de regering de afgelopen weken getoond te willen meewerken aan een verbetering van de veiligheidssituatie in Darfur. ,,Op het allerhoogste niveau in Khartoum wordt beterschap beloofd en nu moeten we afwachten of dit effect gaat hebben in Darfur zelf. Een ander probleem is of de veiligheidsdiensten gaan meewerken'', verklaarde een VN-medewerker.

Hij verwees daarmee naar de Soedanese vice-president Ali Osman Taha, die de veiligheidsdiensten leidt en verantwoordelijk wordt geacht voor het opzetten en bewapenen van de Janjaweed. Er bestaan verschillende machtscentra in de Soedanese regering, wat het voor de buitenlandse gemeenschap uiterst moeilijk maakt om te onderhandelen.

Volgens Jan Pronk, speciale afgevaardigde van Annan voor Soedan, vinden er niet meer op grote schaal door de regering gesanctioneerde bloedbaden plaats in Darfur. ,,Het grote moorden is nu gestopt. Ik zeg niet dat dit een gevolg is van mijn overleg met de regering'', aldus Pronk.

De Internationale Crisisgroep daarentegen stelt in een gisteren uitgekomen rapport dat het moorden doorgaat. Volgens de ICG is de regering niet te goeder trouw en zal ze als de internationale druk niet wordt opgevoerd terugkomen van haar beloften. ,,Daarom moet de Veiligheidsraad sancties afkondigen en een militaire interventie voorbereiden'', aldus het ICG-rapport. Binnen de VN blijft daarentegen de hoop bestaan dat de regering zal blijven meewerken als de internationale druk niet wegvalt.