Papieren kleertjes aan de waslijn

Dit jaar neemt Apeldoorn voor het eerst deel aan de Papierbiënnale, voorheen alleen een Rijswijkse aangelegenheid. Cultuur Onder Dak Apeldoorn presenteert, naast een deel van de tentoonstelling ook de Papiertiendaagse.

,,Zijn er nog meer dames die mee willen knippen?'' In een kamer op de eerste verdieping van het nieuwe cultuurgebouw in Apeldoorn zit een handjevol vrouwen met papier en schaar in de aanslag. Papierknipkunst is één van de workshops waar het publiek zaterdag aan mee kon doen. Beneden leren de bezoekers onder begeleiding van Rogier Uitenboogaart traditioneel Japans papier maken.

Onder de titel Papier Hoe Zo?! organiseren Cultuur Onder Dak Apeldoorn (CODA), de plaatselijke galeries en Papierfabriek de Middelste Molen deze week een reeks activiteiten. Annemiek van der Horst van CODA: ,,Papier is iets heel vanzelfsprekends, maar je kunt er zoveel mee. Er gaat een wereld voor me open.'' Het cultuurcentrum heeft geprobeerd rond een simpel gegeven als papier een gevarieerd programma te bieden.

Verspreid door het in maart geopende gebouw van architect Herman Hertzberg staan standjes van modestudenten van de academie in Arnhem. Ze delen blanco witte hesjes van vliegerpapier uit. Met oud krantenpapier, tijdschriften en karton worden de hesjes versierd. De bezoekers moeten even wennen aan de nieuwe mode, maar na een paar uur lopen er mannen, vrouwen en kinderen rond die hun hesje omgetoverd hebben tot een persoonlijk kunstwerk.

Boven aan de hellingbaan die eerste en tweede verdieping met elkaar verbindt hangt papieren kleding aan waslijnen. De jasjes, broeken en schooluniformen zijn gemaakt van papieren meelzakken. Ze komen uit Kenia waar meisjes op de huishoudschool ermee oefenen voordat ze met textiel mogen werken. Hun namen staan er nog op: Grace, Dolphine en Anyangio. Een boomtak en touwtje dienen als kleerhanger.

Op de begane grond van het museum is de Biënnaletentoonstelling ingericht. Tegen de wand staan levensgrote papieren mensfiguren van de Japanse Fusako Tsuzuki. Van de Duitse Beate Hoffmeister is Kinetisches papier te zien: een bewegende ronde waaier van stroken telefoongidsenpapier. Met een ander werk, Touchtable, geeft ze bezoekers de kans eindelijk eens ergens aan te mogen voelen. Het staat er zelfs bij: `Hier is voelen toegestaan'. Een spiegel onder een langwerpig tafeltje nodigt uit om te voelen wat er onder het tafelblad zit.

Van de kunstenaars Alexander Lidagovsky en Jacqueline Santing is zowel in Apeldoorn als Rijswijk werk te zien. Hoffmeisters kunst staat alleen in Apeldoorn. Er zijn in totaal 31 deelnemers, onder wie verder de Nederlander Pieter van Eck, de Koreaanse Myung hee Oh, de Zwitser Ruth Moro en Carol Farrow uit Engeland.

De tweejaarlijkse papiertentoonstelling met nationale en internationale kunstenaars vond tot nu toe alleen in Museum Rijswijk plaats. Apeldoorn heeft een lange geschiedenis met papier – de enige nog werkende Nederlandse papiermolen staat er. ,,En we hebben simpelweg meer tentoonstellingsruimte dan Museum Rijswijk'', zegt Van der Horst. ,,Daarom doen we vanaf nu mee aan de Biënnale.'' Tot en met zondag zijn er workshops in papiermolen De Middelste Molen en exposities in galeries.

De tentoonstelling is nog tot en met 12 september te zien in Rijswijk en Apeldoorn. Alle deelnemende kunstenaars zijn opgenomen in het biënnaleboek `Geest van papier'. Inl: www.hollandpapierbiennale.nl