Nog geen spoor van gestolen schilderijen Edvard Munch

De politie in Oslo heeft nog geen idee waar de twee geroofde werken van Edvard Munch zich bevinden. Direct na de gewapende roof zondag op klaarlichte dag uit het Munch Museum in Oslo werd een landelijke zoekactie gestart naar de twee overvallers en hun chauffeur.

In een emotionele oproep heeft directeur Gunnar Soerensen van het museum de overvallers verzocht de kwetsbare werken niet te beschadigen. ,,Bedenk dat deze schilderijen de gehele mensheid toebehoren. Alsjeblieft, zorg er goed voor!''

De Schreeuw (1893) en Madonna (1893-94) werden zondag gestolen onder het toeziend oog van tientallen museumbezoekers. Voorbijgangers maakten foto's van de overvallers, die het museum door de voordeur verlieten en de schilderijen in een gereedstaande auto laadden. Deze vluchtauto werd enkele uren na de overval gevonden in Oslo. De schilderijlijsten waren onderweg in delen uit het autoraam gegooid.

De politie kon vandaag nog niet zeggen of er vingerafdrukken of DNA-sporen zijn aangetroffen op de lijsten of in de auto. Wel is bekend dat in ieder geval een van de overvallers Noors sprak. Volgens de politie is er geen losgeld geëist. Daarmee blijft het motief voor de roof een mysterie. Door criminologen wordt gespeculeerd dat het om een `trofeeënroof' zou kunnen gaan. Met het stelen van schilderijen die zo bekend en dus onverhandelbaar zijn, zouden de overvallers collega's willen imponeren.

De schilderijen waren niet verzekerd tegen diefstal, aangezien hun waarde een onschatbare is. Maar De Schreeuw is de afgelopen decennia een wereldwijd icoon geworden met een bekendheid vergelijkbaar met die van de Nachtwacht of de Mona Lisa. Sommige experts schatten de waarde van het werk daarom tussen de vijftig en zestig miljoen euro.