Kind

We praten de hele dag over het kind, maar we hebben er weinig tijd voor. Druk, druk, druk, carrière, carrière, carrière.

In een opmerkelijk interview in het tijdschrift Joie de Vivre zegt Christien Brinkgreve, hoogleraar sociale wetenschappen, dat er ,,emotionele verwaarlozing is door ouders die geen tijd hebben voor hun kinderen en dan materieel aan het verwennen slaan''. Zij is graag thuis als haar kinderen uit school komen, ze merkt dat ze het prettig vinden.

Brinkgreve vindt dat de `veel rijkere feministische erfenis' is verschraald tot maar één issue: vrouwen moeten werken. ,,Het kind is met het badwater weggegooid.''

Ik ben zelf `uit de kinderen', en daarom laat ik deze discussie graag aan de ouders-van-nu over, maar ik merkte dat haar woorden, mede door een toeval, nog dagen bij me bleven hangen. Het was in mijn vakantie en ik zat net de roman Kleine Bijou van de Franse schrijver Patrick Modiano te lezen. Het boek gaat over emotionele verwaarlozing van kinderen, een van de hoofdthema's uit het oeuvre van deze prachtige schrijver.

In zijn boeken wemelt het van jonge volwassenen, verward op zoek naar sporen van de ouders die hen zo onverschillig behandelden. De jonge vrouw met de bijnaam `Kleine Bijou' meent in de metro haar moeder te herkennen die er jaren geleden vandoor was gegaan. Ze volgt haar, maar wil haar niet aanspreken. ,,De omstandigheden hadden verhinderd dat er tussen ons zoiets als de melk van de menselijke tederheid was geweest.''

Kleine Bijou is een ontwortelde, ze leidt een vaag leven zonder ankers. Het trauma uit haar jeugd is ze nooit te boven gekomen. Het maakt haar extra ontvankelijk voor vergelijkbaar verdriet van jonge kinderen. Als oppas moet ze af en toe voor zo'n kind zorgen. In de beschrijving daarvan stijgt Modiano tot grote hoogte.

Op een dag brengt Kleine Bijou een klein meisje tegen de avond terug naar huis. De vader, meneer Valadier, staat op het punt om weg te gaan, de moeder is nergens te bekennen. Kleine Bijou neemt afscheid, maar Modiano laat haar buiten onder de bomen wachten op de dingen die gaan gebeuren.

,,Op de tweede verdieping ging het licht in de slaapkamer van het meisje aan. Kort daarna zag ik dat meneer Valadier naar buiten kwam en haastig wegliep. Hij stapte in een zwarte auto. Ze was nu dus alleen in huis en liet het licht branden om te kunnen inslapen. Ik bedacht dat we geluk hadden gehad: als we iets later waren geweest, had niemand ons meer opengedaan.''

Wat was er met Modiano zelf gebeurd, vroeg ik me na lezing van een aantal van zijn boeken af. Waarom hield dit thema hem zo bezig? In een oud interview van Rudi Wester met hem, onlangs gebundeld in Schrijver in Frankrijk, vond ik het antwoord.

Hij vertelt dat zijn ouders elkaar in de rommelige oorlogsjaren in Parijs ontmoetten. ,,In troebele tijden krijg je troebele mensen. Van die wereld ben ik een product. Ik ben als een plant van een vergiftigde soort. Mijn grootouders hebben mij opgevoed, want mijn moeder speelde na de oorlog veel toneel.'' Met zijn vader heeft hij ,,absoluut geen relatie kunnen opbouwen''.

Dat kind dat het licht aanliet om te kunnen inslapen, was Modiano zelf.