Forbo stapt uit productie van vloeren

De Zwitserse vloeren-, lijmen- en transportbandenproducent Forbo wil zijn vloerendivisie afstoten. Onderdeel van die divisie is een linoleumfabriek in Krommenie (Noord-Holland), waar 700 mensen werken.

Dat heeft Forbo bekendgemaakt bij de presentatie van de halfjaarcijfers. Forbo zegt in een verklaring dat er voldoende groeipotentieel is voor zijn drie activiteiten, maar dat het concern niet over genoeg financiële middelen beschikt om de groei van alle drie de divisies te financieren. Het bedrijf zegt ervoor te kiezen zich te concentreren op lijmen en transportbanden, omdat die onderdelen minder kapitaalintensief zijn dan de productie van linoleum- en vinylvloeren.

De vloerenfabrieken van Forbo staan aan de vooravond van een saneringsoperatie, omdat de vraag naar linoleumvloeren is gekrompen door de slechte economie en door de opmars van onder meer tegel- en laminaatvloeren. Die vertonen de afgelopen jaren meer groei dan linoleum en vinyl. De productiecapaciteit voor linoleumvloeren moet daarom volgens Forbo worden teruggebracht.

Om een sterke positie in vloeren te houden, zou Forbo ook andere typen vloeren moeten gaan produceren, of moeten fuseren met een andere vloerenproducent. Forbo zegt zelfstandig niet in staat te zijn om zijn positie op de vloerenmarkt te kunnen handhaven. Het concern wil de opbrengst van de vloerendivisie gebruiken voor het aflossen van schulden en het financieren van de groei van de twee overblijvende bedrijfsonderdelen.

De vloerendivisie was in het eerste halfjaar goed voor 46 procent van de 827 miljoen Zwitserse franc (653 miljoen euro) omzet van Forbo. Er werken in totaal ruim 2.500 mensen, in fabrieken in Nederland, Schotland, Zweden, Zwitserland en Frankrijk. Het bedrijf is wereldmarktleider in linoleumvloeren, met een marktaandeel van circa 60 procent. De operationele winst van de divisie daalde in het eerste halfjaar met 17 procent tot 19,5 miljoen franc.

Forbo schrijft de winstdaling vooral toe aan de dalende afzet bij grote projecten, zoals kantoorgebouwen, ziekenhuizen en fabrieken die stofvrij moeten zijn (zoals in de farmaceutische, optische en halfgeleiderindustrie). De kantorenmarkt is met name in Europa slecht door een gebrek aan nieuwbouwprojecten. Door bezuinigingen bij de overheid liep ook de afzet aan (semi)overheidsinstellingen terug. In de VS vertoonde de linoleummarkt wel groei. Forbo als geheel boekte een operationale winst van 29,6 miljoen franc (min 15 procent). Netto kwam het resultaat door eenmalige afboekingen uit op 16,2 miljoen franc negatief.