Vrouwen

De Olympische Spelen waren een mannenaangelegenheid. Vrouwen mochten niet deelnemen, ze mochten ook niet als toeschouwer aanwezig zijn. Toch zijn ze wel in Olympia in actie gekomen, op hun eigen festival. Hun spelen waren ter ere van Hera, de echtgenote van Zeus. Het programma was met slechts één onderdeel, een stadionloop van 160 meter, zeer bescheiden. De deelneemsters streden in drie leeftijdscategorieën. Ze liepen met loshangende haren, in gewaden die tot over de knieën reikten en de rechterschouder tot de borst bloot lieten. Het waren vaak vrouwen uit Sparta die de overwinning behaalden. Zij probeerden hun mannen en zoons te imiteren met een bijna militair aandoend trainingsprogramma. Vrouwen uit Athene kwamen minder in actie. In de stad werd een publiek optreden van vrouwen niet erg op prijs gesteld.

Sommige vrouwen konden de verleiding om hun man of zoon tijdens de Spelen te zien winnen niet weerstaan en mengden zich in mannenkleren onder de toeschouwers. Eén keer werd dat ontdekt. Kallipateira, afkomstig uit een Rhodische familie met vele olympische winnaars, wilde getuige zijn van de hardloopwedstrijd voor jongens op de tweede dag. Zij deed zich voor als trainer van haar zoon en zat in het speciaal voor begeleiders gereserveerde vak. Toen haar zoon had gewonnen, kon ze zich niet meer inhouden. Ze sprong over de hekken, rende de renbaan op en omarmde haar kind. Even was de jury in verwarring, maar ze toonde zich begripvol en strafte Kallipateira niet, uit eerbied voor haar vader, broers en zoon die allemaal olympische winnaars waren. Maar voortaan moesten de trainers de wedstrijden naakt bijwonen.

Toch zijn er vrouwen geweest die de hoofdprijs in de wacht hebben gesleept. Niet door zelf in actie te komen, maar als eigenares van een wagenspan. In de wagenraces werd de olijfkrans namelijk niet gegeven aan de winnende menner, maar aan de eigenaar van het zegevierende span. In 396 voor Christus mocht Kyniska, de dochter van een Spartaanse koning, de olijfkrans in ontvangst nemen voor de triomf van haar veulenspan. De Atheners en andere traditioneel ingestelde Grieken vonden het maar niets, maar ze konden er weinig aan veranderen. Sterker nog, Kyniska mocht van de kamprechters haar triomf vastleggen in een standbeeld met een opschrift dat bezoekers er voor altijd aan moest herinneren dat zij de eerste Griekse vrouw was die de olijfkrans had verworven.