`Een goed schilderij komt uit een bloedend hart'

Munch maakte vijf versies van zijn wereldberoemde schilderij De Schreeuw. Over wat er nu precies op is afgebeeld, zijn de meningen verdeeld.

Over de impact van De Schreeuw, het beroemdste werk van de Noorse schilder Edvard Munch is iedereen het wel eens: het schilderij wordt al ruim een eeuw lang wereldwijd uitgelegd als een symbool van wanhoop, onmacht en innerlijke vertwijfeling. Maar wat de kunstenaar precies dreef tot de verbeelding van deze noodkreet is nooit helemaal duidelijk geworden.

Edvard Munch (1863-1944) was een somber man, die al vroeg in zijn leven geconfronteerd werd met de dood. Hij verloor zowel zijn zus als zijn moeder aan tuberculose. Ook zelf had hij te kampen met een zwakke gezondheid. Diverse malen werd het schilderen hem onmogelijk gemaakt door een zenuwinzinking.

Om de expressie van – veelal zwaarmoedige – emoties draait het in al de werken van Munch. ,,Een goed schilderij komt voort uit een bloedend hart'', zei hij ooit. Zowel De Schreeuw als Madonna, het tweede schilderij dat gisteren in Oslo gestolen werd, maakte Munch in 1893 als onderdeel van zijn zogenaamde `Frieze of Life'-reeks, een reeks schilderijen waarin thema's als ziekte, angst en dood uitgebeeld werden.

Volgens sommige kunsthistorici vormde een pijnlijke liefdesverhouding met een getrouwde vrouw de aanzet tot De Schreeuw. Munch zou het werk geschilderd hebben nadat zijn geliefde hem had afgewezen. De tengere, spookachtige figuur zou de schilder zelf moeten voorstellen. Anderen menen juist dat de afgebeelde persoon een vrouw is.

Zeker is dat Munch geïnspireerd was door een spectaculaire zonsondergang toen hij zijn meesterwerk schilderde. Over de bewuste avond schreef hij: ,,De zon ging onder – plotseling kleurde de lucht bloedrood – ik hield stil, uitgeput, en leunde op het hek – er was bloed, en tongen van vuur boven de blauwzwarte fjord en de stad – mijn vrienden liepen door, en ik stond daar trillend van onrust – en ik voelde een oneindige schreeuw door de natuur gaan.''

In 2003 stelden Amerikaanse onderzoekers dat het felle avondrood mogelijk de verbeelding was van een vulkaanuitbarsting. De ontploffing in 1883 van de Krakatau in Nederlands-Indië bracht zoveel stof in de atmosfeer dat de lucht tot in Noorwegen rood kleurde.

Munch schilderde van zijn belangrijkste werken meerdere versies. Van De Schreeuw zijn vijf varianten bekend. Het exemplaar dat uit het Munch Museum gestolen is, schilderde hij met eitempera op karton. Het museum bezit verder nog een litho uit 1895 met dezelfde voorstelling in zwart-wit. Een derde schilderij bevindt zich in een privéverzameling. De Nasjonalgalleriet in Oslo bezit de laatste en waardevolste versie. Dit exemplaar, geschilderd met olieverf, tempera en pastel op karton, werd op 12 februari 1994 gestolen, en drie maanden later ongeschonden teruggevonden. Het bleek geroofd te zijn door de Noorse oud-voetballer Paul Enger.