Slechte start voorkomt succes

De baanrenners Theo Bos en Yvonne Hijgenaar werden gisteren bij de Spelen vijfde op de tijdrit. Beide sporters grepen als gevolg van een fout bij de start naast de olympische medailles.

Bij tijdrijden op de baan bepalen duizendsten van een seconde het verschil tussen winnen en verliezen. Binnen die minieme marges moet een race vlekkeloos verlopen wil een renner aanspraak kunnen maken op een medaille. Theo Bos en Yvonne Hijgenaar verspeelden gisteren, op de eerste dag van het baantoernooi bij de Olympische Spelen in Athene, hun kansen met een foutje bij de start. Bos werd vijfde op de 1.000 meter, evenals Hijgenaar op de 500 meter.

De verbittering bij Bos over het teleurstellende resultaat was snel verdwenen, omdat de Hierdenaar wist dat hij alleen zichzelf verwijten kon maken. Hij had gegokt en verloren. ,,Om te kunnen winnen, moest ik risico's nemen. Ik wilde met een pikstart mijn winst boeken. Ik steek namelijk in dermate goede vorm dat ik in dat geval vrijwel zeker een medaille had gewonnen.''

Maar het plannetje van Bos mislukte, omdat hij iets te vroeg reageerde, waarna zijn achterwiel in de startmachine bleef steken. Hij kwam slippend op gang en besefte dat hij zijn kans had verspeeld. Bos onderstreepte zijn goede vorm vervolgens met vier uitermate snelle ronden, maar daar hield hij weinig meer aan over dan de genoegdoening van de verbetering van zijn persoonlijk record met één tiende van een seconde. ,,Ik voelde de pedalen door de hoge snelheid amper, elke trap was raak'', vertelde Bos. ,,Maar ik wist ook dat het door die slechte start niet genoeg zou zijn voor een medaille.''

Bos zette zich snel over de tegenslag heen in de wetenschap dat negatieve gevoelens hem kunnen dwarsbomen in het vervolg van het toernooi. Hij komt in het weekeinde al weer op twee onderdelen in actie. Morgen op de kwalificatie van de sprint, waar hij als wereldkampioen de grote favoriet is, maar vandaag eerst met zijn broer Jan en Teun Mulder op de teamsprint. Op dat laatste onderdeel valt morgen de beslissing. De individuele sprint is uitgesmeerd over drie dagen met de finale op dinsdag.

Hijgenaar had meer de pee in dan Bos, omdat op de 500 meter haar enige kans op een medaille lag. Ze doet nog wel mee aan de sprint, maar er moet volgens haar een wonder gebeuren wil zij op die discipline op het podium komen. Ook voor haar gold de ergernis van een slechte start, zij het dat bondscoach Peter Pieters daar niet van opkeek. ,,Haar start is altijd een ramp. Nee, die van Bos niet; daarin ligt juist zijn kracht. Alleen vandaag niet. Natuurlijk is zijn gok verkeerd uitgepakt, maar dat heeft ook te maken met debutantenkoorts op de Olympische Spelen. Hopelijk zijn beiden daar na vandaag van verlost.''

Voor Hijgenaar geldt dat zij ook kracht en wedstrijdhardheid tekort komt. De Alkmaarse is twee jaar geleden pas begonnen met baanwielrennen, waar ze na een mislukte schaatscarrière min of meer uit nood voor had gekozen. Hijgenaar werd destijds door de schaatsbond uit de selectie van Jong Oranje gezet, omdat ze niet goed genoeg werd bevonden. Een terugkeer naar de regioselectie werd geblokkeerd, omdat ze te oud was, waarna ze besloot de overstap naar het baanwielrennen te maken. Van harte ging dat aanvankelijk niet, maar ze merkte al snel dat het meer haar stiel was dan schaatsen.

Hijgenaars ergernis en frustratie hebben inmiddels plaatsgemaakt voor ambitie om te slagen als wielrenster. Daarvoor zal ze geduld moeten hebben, omdat progressie op de 500 meter onlosmakelijk aan toename van kracht is gekoppeld. ,,Maar dat komt wel'', zegt ze. ,,Het gaat tot nu toe hartstikke goed. Twee jaar geleden deed ik nog 37 seconden over 500 meter, nu rijd ik al toptijden van 34 seconden. Ik heb gewoon tijd nodig. De andere meiden zijn gewoon verder, die kunnen hun kracht beter omzetten in snelheid. Ik rijd ook een tandje lichter. Tegenover mijn verzet van 48x14 trapt de concurrentie 46x13 of 47x13 rond. Als ik mijn trapfrequentie op een dergelijk verzet kan overbrengen, moet ik het verschil kunnen goedmaken.''

Om sterker te worden heeft Hijgenaar zich voorgenomen de komende anderhalf jaar ook op weg te gaan rijden. Zij hoopt op een contract bij de wielerploeg van Leontien van Moorsel, met wie ze een goed contact zegt te hebben. De laatste twee jaar voor de Spelen van 2008 in Peking wil Hijgenaar dan toewerken naar haar tweede olympische wedstrijd. Dan is ze vier jaar ouder, als het goed is aanzienlijk sterker geworden en verwacht ze de progressie te hebben gemaakt die nodig is om haar vijfde plaats van `Athene' te verbeteren.